Dag 133 ‘Vooraf speculeren’.

Vandaag had ik een eerste kennismaking met een vrouw die ik niet eerder live heb ontmoet. In het verleden had ik wel eens verwachtingen over het verloop van een eerste ontmoeting met een vrouw. Er gingen dan gedachten door mijn hoofd. Zoals: ‘zal ze mij aardig vinden’. ‘Zal ze mijn mening delen’. ‘Zal ze denken dat ik er mag zijn’. Ik realiseer me dat uit mijn gedachtenwirwar ik angst voor afwijzing en onzekerheid bevestig. De ontmoeting vandaag heb ik zonder verwachting vooraf als ‘Cool in Hier’ ervaren.

Zodra ik merk dat ik door een verwachting gedirigeerd als in hier reageer zal ik doorademen. Van mijn buddy heb ik hierop de volgende feedback ontvangen. “Ja precies, da’s van vitaal belang adem toepassen– als je niet snel genoeg bent in één adem om dat punt te vangen en tot Zelfeerlijkheid te komen, verkleeft het– en je heb alleen één adem waarbinnen het te vangen.

Ik vergeef mezelf toegestaan en aanvaard te hebben de gedachte zal ze denken dat ik er mag zijn. Ik realiseer me dat ik een ander verantwoordelijk maak voor mijn wel-zijn. Ik stel mezelf ten doel dat ik bij een verwachting die ik aan een ander kleef zal doorademen.

Ik vergeef mezelf toegestaan en aanvaard te hebben dat ik situaties in het verleden tijdens een eerste ontmoeting vanuit een negatieve verwachting aan goedkeuring krijgen van een ander vaak niet ben aangegaan. 

Ik realisser me dat ik in mijn aannames die als in mezelf negatief geladen energie genereert waardoor ik meer moeheid en fysieke klachten ervaar. Ik realiseer me dat het van vitaalbelang is om woorden door middel van zelfvergeving en zelfcorrecties te ontdoen van deze lading. Uit voorzorg en controle op een ontsteking heb ik een bloedmonster laten afnemen na overleg en op aanraden van mijn huisarts.

Ik vergeef mezelf toegestaan en aanvaard te hebben dat ik vaak als in negatieve woorden vooraf betekenis gaf aan een ontmoeting met een vrouw. 

Ik vergeef mezelf toegestaan en aanvaard te hebben dat ik vooraf anticipeer als in mijn verwachting op het gedrag van een vrouw waaraan ik vaak onbewust dominantie waarop ik afwijzing als in haar gedrag heb verwacht. Ik realiseer me dat ik door deze aanames ook onzeker en wantrouwend werd.

Ik vergeef mezelf toegestaan en aanvaard te hebben dat ik onoprecht vanuit de aanname afwijzing wantrouwend werd en me heb teruggetrokken en fysieke klachten heb ontwikkelt dat ik als check door dit bloedonderzoek wel wil uitsluiten. 

Ik vergeef mezelf toegestaan en aanvaard te hebben dat ik vervolgens deze woorden vaak heb ingeslikt deze negatieve lading versterkt. 

Ik vergeef mezelf toegestaan en aanvaard te hebben dat ik vanuit deze negativiteit die aan woorden als in mijn gedachten kleeft ik mezelf vergeef dat ik vanuit dit innerlijk gewaarzijn anderen vanuit deze verwachting heb bejegend. 

Omdat ik me realiseer dat Leven Gewaarzijn vrij is van vooraf interpretaties die als reacties uit observaties binnen mezelf al actief waren en me realiseer dat Leven Gewaarzijn als in Hier neutraal is zoals in eenheid en gelijkheid voor alle Leven als in iedere ademhaling neutraal is zal ik zelfeerlijk doorademen omdat ik me realiseer dat dit voor eenheid en gelijk Leven van vitaal belang is. 

Ik vergeef mezelf toegestaan en aanvaard te hebben dat ik zal doorademen als in woorden speculeren die negativiteit genereren. Ik realisser me dat dit de negatieve lading binnen mijn innerlijk gewarzijn versterkt waardoor deze negatieve lading als in mezelf aanvaard en toegestaan en aanvaard meer negativiteit creëert en daardoor meer ongelijkheid.

Ik vergeef mezelf toegestaan en aanvaard te hebben dat ik mijn negativiteit op een ander heb geplakt en de ander verantwoordelijk maak voor hetgeen in mezelf als negatief actief werd. Ik realiseer me dat wanneer ik dit punt als in anderen in mezelf signaleer, Ik stop en dooradem. Ik realiseer me dat dit van vitaal belang is en dat ik op dit punt doorademen zal blijven toepassen.

Ik vergeef mezelf toegestaan en aanvaard te hebben dat ik i contact met mensen die me na staan in dit negativiteit punt als reactie op de ander ik alerter wil zijn en eerder wil signaleren om door middel van doorademen te voorkomen dat negativiteit actief kan zijn. 

Ik stel mezelf ten doel dat ik vanuit overeenkomst oprecht met een vrouw een relatie wil aangaan en wil onderzoeken. Als vervolg op onze ontmoeting van vandaag wil ik graag aan ons contact vervolg geven en een vervolgafspraak plannen waarin we onze overeenkomst in overleg en oprecht kunnen onderzoeken. Ik realiseer me dat door oprecht uitspreken ik vanuit Zelfoprecht anderen bejegen en merk dat anderen meer vanuit oprechtheid in mijn aanwezigheid hun verhaal met mij willen delen. Daar ben ik dankbaar voor.


Advertenties

Dag 132 Daadwerkelijk Zelfhonest wandelen!

Discretie mind…

Zelfoprecht zijn betekent dat ik me in mijn zelfonderzoek richt op datgene wat ik in mezelf beleef en waarneem. Mijn mind beleving als in gedachten in reactie op anderen waardoor ik datgene ervaar wat ik als in mezelf aanvaard en toegestaan heb. Mijn innerlijk gewaarzijn wat ik oprecht beschrijf. Zelfoprechtheid komt dus niet van de mind. Oprechtheid spreekt vanuit de mind – zoals ik al schreef in gedachten, emoties of gevoelens. ZELFoprechtheid is wanneer je JOU uitspreekt. We zijn in het proces van het beseffen wat zelfoprechtheid is, daarom: ‘spreek’ in je schrijven ‘oprecht uit wat er is’ en daardoor zul je ontdekken wat zelfoprechtheid voor jou als jou, is. In mijn blog van dag 131 beschrijf ik discretie. In wezen maak ik een afspraak die dus weer mind wordt. Omdat ik aan datgene wat besproken is een herinnering koppel. Deze informatie kan mij in een vergelijkbare volgende gebeurtenis automatisch doen denken dat hetgeen ik als informatie heb opgeslagen actueel is. Volgens de mind en het ego is dit het geval. 


Een gedachte is dus altijd een herinnering. Een Dejavú uit het verleden die mij afscheidt van dit hier. Vanuit Zelfoprechtheid bezien is dit feit van toen als in hier een leugen die in mijn Dejavú construct aan afwijzing als reactie op een glimlach van een ander kan zijn waardoor ik in reacties op lachen als ik mijn kwetsbaarheid laat zien en dit risico daadwerkelijk wandel kans maak dat ik dus dissocieër. Maf hé. Deze informatie is gelinkt aan een ervaring die echt gebeurt is waardoor het vanzelfsprekend een automatische reactie wordt die vaak onbewust op-plopt in als reactie op een gebeurtenis nu. 

De glimlach vormt dus de aanleiding van mijn reactie nu. In relatie met anderen wordt deze zichtbaar. Iedere automatische reactie heeft dus een oorzaak. Die als conditionering als patroon in reactie op de glimlach ergens actief is geworden. In mijn beleving toont een glimlach mij afwijzing. De lol van Paradoxaal hé! Paradox impliceert dat lachen niet past bij afwijzing. Omdat over het algemeen gezien lachen gelinkt wordt aan plezier en ontspanning. Ik weet dat ook dit wat ik beschrijf een veronderstelling en aanname is. Een schijnbare tegenstrijdigheid die blijkt uit mijn automatische aanname. 

Zoals mensen die hun armen over elkaar slaan zich afsluiten en zich beschermen tegen veel prikkels en deze prikkels negatieve betekenis geven. Als algemeen aanvaard door een groep mensen verwoord als in een interventie bijvoorbeeld. Conclusie conform de waargenomen signalen dit dus deze waarheid is. Ook zo’n fabeltje waaraan allerlei theoriën zijn gekoppeld. Met de armen over elkaar geslagen zitten is lekker comfortabel. Toch? Iedere invulling die ik als uit mezelf verbind aan het gedrag van een ander, het met de armen over elkaar geslagen zitten, is van mezelf en zegt uiteindelijk niets over de bewuste handeling van de ander. 

Wat ook zichtbaar wordt in mijn reactie is dat er een behoefte achter schuilt. De persoon sluit zich af. De persoon ervaart veel negatieve prikkels. Die mij verhinderen om effectief als in hier te zijn. Presentie. Door echter met aandacht naar mijn aaname te kijken zie ik dat ik in bezit genomen ben door iets dat in mezelf actief aanwezig als aanname. Die in het contact met anderen als in mijn reacties zichtbaar wordt. De inhoud van mezelf die mij bestuurt zolang ik hiervan onbewust ben.

Mijn reactie is gerelateerd aan eerdere ervaringen. Zoals mijn reactie op de lach waarin mijn behoefte aan gezien willen worden ondergeschikt is. Met als doel begrip dat ik er mag zijn. Deze bevestiging wil ik van degene krijgen die lacht. Omdat ik erkenning vraag en op de lach mezelf afwijs ben ik afgescheiden van mijn behoefte extern erkenning vragen. In het delen van mijn onduidelijkheid die onstaat omdat ik mijn vraag in woorden om erkenning inslik. Hierop ontstaat irritatie. 

Dus ik stel mezelf ten doel dat ik op onduidelijkheid de ander met respect zal bevragen is een nieuw en concreet doel dat door dit schrijfproces concreet vertaald als daad: duidelijk in de groep mijn onduidelijkheid als in mezelf actief uitspreken waardoor ik mijn wooden niet inslik en irritatie vermijd. Hierdoor nemen mijn fysieke klachten af waardoor ik minder moe zal zijn. 

Wat ik me vaak realiseer is dat mensen in mijn omgeving een vraag opwerpen waarop zij antwoord verwachten.Er vind geen uitwisseling plaats. Mensen doen uitspraken waarvan ik denk wat bedoel je nu eigenlijk concreet? Mijn onduidelijkheid wordt hierin ook zichtbaar. Want ik maak de vraag van een ander als in mezelf verantwoordelijk onduidelijk. Dus mijn vraag: wat bedoelt U?