Dag 466 Trots 1

Trots – tevreden, voldaan, eigenwaarde.

Ik had het idee dat niemand trots was op mij. Op het woord ‘trots’ heb ik een negatieve energetische lading geplakt. Mensen die zeggen dat ze ‘trots’ zijn op zichzelf, of tevreden zijn met hun prestaties, roept in mij negatief geladen weerstand op. Dit omdat ik in relatie tot het woord ‘trots’ terugdenk aan momenten waar G wel ‘trots’ was op de prestaties van M en dit ook als zodanig benoemde. Ik ging daardoor denken dat G niet ‘trots’ was op mij omdat G ‘ik ben trots op jou’ in mijn richting nooit benoemde.

Ik realiseer me dat ik nog steeds probeer om M te evenaren en vergelijkbare prestaties wil leveren. Dit vanuit mijn verlangen dat G een keer tegen mij zegt ‘ik ben ook trots op jou’.

Ik associeer ‘trots’ met – voldoening – waardering – erkenning – ‘innerlijk fulfillment willen ervaren’.

Ik vergeef mijzelf dat ik mezelf toegestaan en aanvaard heb te denken dat niemand trots was/is op mij.

Ik vergeef mijzelf dat ik mezelf toegestaan en aanvaard heb dat ik aan het woord ‘trots’ een negatieve lading gekoppeld heb.

Ik vergeef mijzelf dat ik mezelf toegestaan en aanvaard heb in relatie tot mijn verwachting ‘ik wil dat G zegt ik ben trots op jou’ ‘wat G niet zegt’ vervolgens innerlijk de energie van teleurstelling c.q. negativiteit ervaar als ik iemand hoor zeggen ‘ik ben trots op mezelf’.

Ik vergeef mijzelf dat ik mezelf toegestaan en aanvaard heb dat ik innerlijk negativiteit ervaar omdat ikzelf innerlijk mijn energie van negativiteit op iemand projecteer die zegt ‘ik ben trots op mezelf’.

Ik vergeef mijzelf dat ik mezelf toegestaan en aanvaard heb dat ik mensen wantrouw die zeggen ‘ik ben trots op mezelf’.

Ik vergeef mijzelf dat  ik mezelf toegestaan en aanvaard heb dat ik innerlijk de energie van het personage wantrouwen ervaar zodra mensen zeggen ‘ik ben trots op mezelf.

Ik vergeef mijzelf dat ik mezelf toegestaan en aanvaard heb dat ik iemand die uitspreekt ‘ik ben trots op mezelf’ vergelijk met mijn gedachten ‘jij wilt vast positiviteit uitstralen’ waardoor ik innerlijk de energie van het personage teleurstelling, ongeloof en wantrouwen ervaar.

Ik vergeef mijzelf dat ik mezelf toegestaan en aanvaard heb zodra ik innerlijk ongeloof en wantrouwen ervaar vervolgens innerlijk de energie van ongemak of jaloezie ervaar.

Ik vergeef mijzelf dat ik mezelf toegestaan en aanvaard heb zodra ik innerlijk de energie van jaloezie ervaar geneigd ben om de persoon die uitspreekt ‘ik ben trots op mezelf’ bij voorkeur de persoon wil negeren/ontwijken.

Ik vergeef mijzelf dat ik mezelf toegestaan en aanvaard heb ‘zodra ik iemand ontmoet’ die volgens mijn opvatting ‘positiviteit uitstraalt’ te denken ‘reageer niet zo onnatuurlijk, overdreven, uitbundig’.

Ik vergeef mijzelf dat ik mezelf toegestaan en aanvaard heb dat ik iemand wantrouw die zich in gedrag volgens mijn interpretatie ‘onnatuurlijk, overdreven, uitbundig, positief’ presenteert.

Ik vergeef mijzelf dat ik mezelf toegestaan en aanvaard heb dat ik innerlijk de energie van frustratie en ergernis ervaar zodra iemand zich ‘onnatuurlijk, overdreven, uitbundig en positief presenteert’.

Ik vergeef mijzelf dat ik mezelf toegestaan en aanvaard heb dat ik mensen wantrouw die zich ‘onnatuurlijk, overdreven, uitbundig en positief presenteren’ omdat ik veronderstel dat dit gedrag bedoelt is ‘als maniertje/typetje’ waarmee zij/hij zich conform ‘het positieve-goeroe-personage’ wil-profileren’ om de aandacht van anderen te krijgen.

Ik vergeef mijzelf dat ik mezelf toegestaan en aanvaard heb dat ik positief bevestigd wil worden door anderen.

Ik vergeef mijzelf dat ik mezelf toegestaan en aanvaard heb dat ik aan G denk die na het nuttigen van alcohol zich in gedrag positief profileerde conform ‘het positieve personage’.

Ik vergeef mijzelf dat ik mezelf toegestaan en aanvaard heb dat ik aan G denk die zich na het nuttigen van alcohol positief profileerde conform ‘het positieve personage’ en nadat de alcohol uitgewerkt was ‘klagerig en melancholisch reageerde’.

Ik vergeef mijzelf dat ik mezelf toegestaan en aanvaard heb dat ik innerlijk de energie van klagerigheid en melancholie manifesteer, omdat ik me realiseer, zie en begrijp dat dit mijn manier/strategie werd in relatie tot mensen die zich positief profileren.

Ik vergeef mijzelf dat ik mezelf toegestaan en aanvaard heb dat ik innerlijk teleurstelling ervaar nu ik terugdenk denk aan de momenten dat ik van G verlangde dat G ook tegen mij zou zeggen ‘ik ben trots op jou’.

Ik vergeef mijzelf dat ik mezelf toegestaan en aanvaard heb dat ik innerlijk de energie van teleurstelling heb ontwikkelt hetgeen ‘door te focussen op teleurstelling’ innerlijk de energie van klagerigheid en melancholie tot gevolg had.

Ik vergeef mijzelf dat ik mezelf toegestaan en aanvaard heb dat ik G positief wilde beïnvloeden met vriendelijk en attent gedrag om innerlijk de aandacht af te wenden van de energie van klagerigheid en melancholisch geladen gedachten en beelden die ik voor ogen had zodra ik dacht aan G op momenten dat G in gedrag zich klagerig en of melancholisch profileerde.

Ik realiseer me dat ik in deze blog het positief personage vergelijk met het klagerig/melancholisch personage, personages die ik innerlijk vergelijk in overstemming met mijn mind constructen die beiden getriggerd worden in relatie tot mensen die zich overeenkomstig de personages profileren.

Als en wanneer ik innerlijk getriggerd wordt door positief of klagerig/melancholisch geladen energie, Stop en Adem. Ik realiseer me zodra ik innerlijk getriggerd wordt door de energie van positiviteit, vervolgens enthousiast en onbezonnen kan reageren waardoor ik de realiteit in hier uit het oog verlies en keuzes maak waar ik achteraf spijt van heb.

Ik realiseer me dat ik ernaar verlang dat G een keer tegen me zegt ‘ik ben trots op jou’.

Ik stel mezelf ten doel dit punt verder te onderzoeken in volgende blogs omdat er aan innerlijk ‘trots’ willen ervaren negatief geladen energetische lading plakt die mij verhinderd om onbevooroordeeld te zijn in relatie tot mensen of situaties die innerlijk de energie van positiviteit versus klagerigheid/melancholie in mij triggeren, omdat ik me realiseer dat ik deze situaties of mensen bij voorkeur wil vermijden.

Ik realiseer me daarnaast zodra ik mensen of situaties wil vermijden, het gevolg is van mijn innerlijk conflict ‘ik wil iets doen, maar daar ervaar ik innerlijk ook weerstand tegen’. Ik wil de afwas doen, koken, sporten, iemand bezoeken enz. maar op het moment dat ik dat wil gaan doen staat het me ook tegen…

….wordt vervolgd.