Dag 440 alcohol 5 vervolg impressie op twijfelen.

Vandaag las ik mijn blog terug van dag 411.

Ik kan met mijn vinger wijzen en twijfelen zoveel als ik wil – maar als ik kijk en mijzelf en mijn twijfel onder ogen kom, dan zie ik wat er in mijzelf gebeurt. Wat ik bij twijfel waarneem en ervaar is de ervaring van twijfel die ik in mij als mijzelf heb aanvaard en toegestaan. Mijn twijfel ervaring blijft hetzelfde zolang ik de aspecten die de energie van twijfel in mijzelf manifesteert niet oprecht onder ogen kom.

In die blog onderzocht ik aspecten die bijdragen aan mijn twijfel, gedachten die mij belemmerde om daadwerkelijk een test te maken.

Ik kon mij vooraf aan de test namelijk een ervaring herinneren waarin ik ‘een vergelijkbare test had gemaakt’. De uitslag viel toen negatief uit. Ik had onvoldoende hoog gescoord. Ik stond voor de keuze – ‘wel of niet een vergelijkbare test maken’. 

Volgens mijn mind veronderstelling bevatte de testuitslag, die bepalend was als toelating voor een opleiding, nog een onderdeel: namelijk of dat ik geschikt zou zijn (als mens).  Want wel of niet toegelaten worden aan de opleiding diende voor mij als bewijs. De gedachten waaruit ik zowel positieve als negatieve energie genereer zijn: ‘geschikt – ongeschikt’. ‘Geschikt = perfect. Ongeschikt = jij deugd niet’.

Na het terug lezen van die blog realiseer ik mij zie en begrijp dat hieronder een volgende laag veronderstellingen schuilt. ‘Ik ben als mens geslaagd als ik een voldoende scoor’, ‘waarmee ik anderen kan laten zien, de testuitslag fungeert als bewijs’ ‘dat ik perfect/geschikt ben’ want dan voldoe ik aan de norm. 

‘Als ik de test haal’ dan ben ik geslaagd en perfect. Dan wordt ik serieus genomen door mensen uit mijn omgeving’. ‘Als mensen afwijken van de norm/regels die ik op mijn werk toepas, dan zijn zij niet perfect, dan deugen zij niet/ongeschikt’. Ik realiseer mij dat ik primair focus op ‘als’ iemand afwijkt van mijn verwachting: de manier waarop ik de veiligheidsregels toepas of mij tegenspreekt, dan deugd die persoon niet’. Ik realiseer mij dat ik mij tijdens werk houdt aan de geldende afspraken (zie vorige blog). Ik ben accuraat in de naleving van regels m.b.t. veiligheid-instructies.

Resultaat: angst om te falen en daarom succesvol willen zijn. Ik moe(s)t anderen bewijzen dat ik er mag zijn. Door te voldoen aan de/hun norm, wordt ik gezien, gehoord, gewaardeerd, erkent en gerespecteerd.  

Ik heb door mijn (zelfoordeel) niet slagen voor de test = ‘als ik niet voldoe aan de norm/eis, dan deug ik niet (negatief). Wel geslaagd voor de test = ik ben succesvol (positief). Net als mijn zus die volgens mijn moeder beter kon studeren. Want volgens mijn moeder was zij geslaagd/perfect. Waardoor ik dacht ik ben minder/ongeschikt =’ik deug niet’. Dus eigenlijk straf ik mijzelf voortdurend (alcohol) zolang ik blijf focussen op de energie die ontstaat uit mijn manier van denken, zodra collega’s die afwijken van de regels, en hen negatief beoordeel, omdat ik mij voornamelijk richt op dat ‘wat niet deugd’.

Ik beoordeel mensen hoe zij mij beoordelen als de manier waarop ik mijzelf altijd beoordeel(d) heb vanuit de veronderstelling ‘ik deug niet dus ik krijg en verdien straf’.  

Volgens mijzelf betekent niet succesvol zijn = mislukkeling = loser = ik ben zonder betekenis = ik deug niet betekent straf. Ik realiseer mij zie en begrijp ‘ik ben accuraat in het naleven van de veiligheidseisen op mijn werk’. Ik beoordeel collega’s of zij óók accuraat zijn. Als zij niet accuraat zijn, zorgt dit bij mij voor verwarring. Ik begrijp niet dat collega’s zich niet houden aan de regels. In mijn beleving werd ik als kind onvoldoende beschermt en niet geïnformeerd hoe ik met onveilige situaties moest dealen. Mijn opvoed instructies en thuissituatie heb ik als verwarrend ervaren. Ik dacht bij straf (van de juf op de eerste klas lagere school) ook ik deug niet. Ik moest namelijk gehoorzaam zijn aan de opvoedeis van mijn ouders dat ik moest luisteren naar de instructies van volwassenen. Mij werd niet geleerd wat te doen als ik mij onveilig voelde.  

Ik realiseer mij dat ik pietluttig kan zijn in mijn beoordeling en de manier waarop collega’s zich conformeren aan de regels. Ik realiseer mij óók dat ik van mening was dat mijn opvoeders pietluttig waren in hun beoordeling naar mij toe als ik aan tafel tijdens eten niet voldeed aan hun normen. Hun reacties waren vaak overdreven, zo dacht ik. Hoe ik creatief kon omgaan met situaties was mij onbekend. Omdat ik niet buiten de lijntjes wilde bewegen en de regels van mijn opvoeders naleefde. Simpelweg door een gebrek aan informatie hoe ik anders kon omgaan met situaties waarin ik mij onveilig voelde. Mij werd geleerd dat ik mij moest aanpassen en gehoorzaam zijn aan de eis van anderen.  

Woorden die ik ga onderzoeken: accuraat, verwarring, pietluttig, creatief, straf, onderwerping, eisen, toewijding, Sub, Dom(me), alcohol, procrastination. Wordt vervolgd met Zelfvergevingen en verdieping van de beschreven woorden.

destabiliseer.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Advertenties

Dag 439 alcohol 4

In mijn vorige blog beschrijf ik dat ik mij altijd onderworpen heb aan de opvoed theorieën van mijn ouders en mij aangepast heb aan wat volgens hen de juiste opvoed regels waren.

Ik realiseer mij dat ik op mijn werk erg kritisch ben in mijn reactie naar collega’s zodra zij afwijken van de geldende regels, waardoor ik concludeer dat mijn collega’s veiligheid regels niet consequent maar onverschillig navolgen.

In mijn vorige blog heb ik mijzelf óók ten doel gesteld dat ik onderzoek welke de criteria zijn die de energie van conflict in mijzelf veroorzaken als anderen afwijken van het beeld wat ik nastreef om een veilige werksfeer te realiseren.

Wat verwacht ik van anderen als ik aandacht vraag voor het feit dat ik belangrijk vind dat wij gezamenlijk en eenduidig de veiligheid regels opvolgen?

Wat betekent het voor mij als mensen niet reageren op mijn behoeften? Weten zij wat mijn behoeften en wensen zijn en nemen zij mij voldoende serieus in mijn streven om een eenduidige veilige sfeer te genereren?

Wat betekent het voor mij dat een collega mijn standpunt overdreven vind, waardoor ik zijn opvatting als afwijkend ervaar?

Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard dat ik op mijn werk in relatie tot collega’s erg kritisch reageer zodra zij deze regels dus niet opvolgen.

Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard dat ik mij lange tijd geconformeerd heb aan de opvoed regels van anderen en geaccepteerd heb hoe ik mij volgens hen moest gedragen. Als en wanneer ik bozig en geïrriteerd reageer op mijn collega’s, dan Stop ik en Adem. Ik realiseer mij dat ik van collega’s op mijn werk verlang dat zij accuraat zijn in het naleven van regels die gehanteerd worden conform veiligheidseisen omdat ik handel overeenkomstig deze regels die ik volgens afspraak opvolg.

Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard dat ik in mijzelf onzekerheid en onduidelijkheid ervaar en collega’s onbetrouwbaar vind als zij de regels niet opvolgen omdat wij niet in een beautyfarm omgeving werken waar mensen behandeld worden voor zweetvoeten.

Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard als collega’s afwijken van de manier waarop ik de regels interpreteer, dat ik boos, beschuldigend en dominant op hen reageer als zij geldende regels negeren waardoor ik geïrriteerd raak omdat zij volgens mij onvoldoende bewust en niet doordrongen van de risico’s die wij lopen in het contact met de doelgroep waarmee wij samenwerken.

Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard dat ik denk dat ik misschien wel pietluttig ben in mijn beoordeling en de manier waarop ik beoordeel hoe collega’s de regels hanteren, waardoor ik in mijzelf verwarring ervaar zodra zij afwijken van het beeld dat ik voor ogen heb, alles zegt over de manier waarop ik tot in detail en perfectie de regels hanteer en consequent naleef conform geldende veiligheidseisen binnen mijn werkgebied.

Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard dat ik van mijn collega’s onvoorwaardelijk commitment en accuratesse verlang in het naleven van de regels en zodra zij afwijken van het beeld dat ik hierover voor ogen heb en vervolgens hen geïrriteerd en dominant hierop aanspreek omdat ik veronderstel dat zij falen in hun betrouwbaarheid omdat zij onverschillig zijn in hun handelen en naleving van afspraken.

Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard dat een van mijn collega’s mij via email te kennen gaf dat de manier van samenwerken en het naleven van de veiligheidsregels die ik voorstel volgens hem overdreven zijn ondanks de argumenten die ik aandraag.

Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard dat ik de reactie van mijn collega ervaar als tegendraads omdat hij mijn voorstel overdreven vind zonder hiervoor argumenten aan te dragen of te onderbouwen waardoor ik hem ervaar als onvoldoende behulpzaam omdat hij niet onvoorwaardelijke mijn voorstel ondersteund.

Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard dat ik los van de werkwijze en theoretische regels mijn manier van reageren niet gerechtvaardigd is omdat ik reageer vanuit emotie omdat ik mij niet serieus genomen voel door mijn collega waardoor ik overdreven bozig en vijandig reageer op de opvatting van mijn collega omdat hij in mijn beleving mijn voorstel niet ondersteunt en omdat hij geen argumenten aandraagt voor zijn opvatting waarom hij mijn voorstel overdreven vind.

Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard dat ik het vermoeden heb dat mijn gevoelens niet serieus worden genomen door mijn collega.

Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard dat ik de indruk kreeg dat hij onvoldoende aandacht heeft voor mijn gevoelens.

Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb aangepast aan mijn emotionele reactie omdat ik bozig en geïrriteerd reageer op zijn woorden dat hij mijn voorstel overdreven vind omdat hij zijn opvatting niet beargumenteerd waardoor ik de indruk krijg dat er niet naar mijn vraag geluisterd wordt waarin ik de veiligheid regels benadruk.

Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard dat ik in de veronderstelling ben dat hij mijn uitgesproken gevoelens en behoeften negeert.

Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard dat ik in mijn beleving kritiek krijg op mijn gedrag, en mijn emotionele reactie heb uitgesproken uit angst voor kritiek en afwijzing van mijn behoeften waarin ik inzet op de veiligheid, waarbij ik mij realiseer zie en begrijp dat het niet de theoretische veiligheid regels zijn die anders geïnterpreteerd worden door collega’s, maar wat mij boos en geïrriteerd maakt is dat ik mij niet gehoord voel in mijn verzoek om gezamenlijk eenduidige regels te hanteren.

Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard dat ik mij als kind aangeleerd heb als ik doe wat er van mij verlangd wordt dan was ik aardig en lief.

Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard dat ik mij gedraag conform geldende regelgeving binnen mijn werkgebied en niet tolereer als anderen hier anders mee omgaan waardoor ik boosheid en nijd ervaar.

Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard dat ik niet angstig ben voor de reactie van anderen omdat ik in mijn recht sta omdat ik werk conform regelgeving en als collega’s hiervan afwijken dit op duidelijke toon en bozig in mijn houding en mimiek kenbaar maak omdat zij afwijken van het beeld dat ik voor ogen heb.

Als en wanneer mijn reacties onbetrouwbaar zijn omdat ik de controle verlies, dan Stop ik en Adem. Ik realiseer mij dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard dat ik de keuze heb gemaakt dat ik mijn gevoelens, emoties, gedachten en vragen niet langer onderdruk met als consequentie dat ik door mijn coördinator aangesproken ben op mijn toon en gedrag, en de manier waarop ik richting mijn collega’s communiceer.

Als en wanneer ik veronderstel dat anderen mijn autoriteit afwijzen, dan Stop ik en Adem.

Ik stel mijzelf ten doel dat ik als ik verward raak zodra anderen afwijken van de geldende regels waardoor ik irritatie en boosheid ervaar, dat ik mijn reactie eerst stop alvorens met hen te communiceren.

Ik stel mijzelf ten doel dat ik duidelijkheid wil over de manier waarop wij gezamenlijk de regels hanteren en uitvoeren en dat ik dit bespreek met de coördinator en teamleider om tot eenduidige overeenstemming te komen, ook omdat andere collega’s dit punt met mij besproken hebben en omdat ikzelf deze duidelijkheid nodig heb om niet verward te raken door onduidelijkheid die ontstaat door mijn negatieve gedachten, emoties en gevoelens omdat ik binnen mijn werkgebied eenduidige richting nodig acht waarop wij elkaar kunnen en mogen aanspreken in het belang van eenduidige duidelijkheid.