Dag 457 Gestimuleerd worden.

Vanmorgen las ik een artikel met als titel ‘wijzig je woorden en verander je leven’.  Gevolgd door de subtitel ‘weet jij hoe taal een enorme impact heeft op jouw vooruitzichten en uiteindelijk op je succes’. Aangetrokken door deze oneliners las ik vervolgens de tekst.

De auteur vervolgt ‘met woorden beïnvloed je andere mensen, maar we vergeten soms dat de woorden die we kiezen ook effect hebben op onze eigen emotionele staat en daarmee op ons functioneren’. Mensen vragen me wel eens ‘welke woorden moet ik gebruiken of juist vermijden?’ Het maakt eigenlijk niet uit, zolang je erdoor gemotiveerd raakt. Je kunt aardige woorden gebruiken tegen jezelf, speelse taal of schuttingtaal. Het gaat vooral om het effect dat die woorden hebben. De woorden dienen congruent te zijn met het effect (lees: gemoedstoestand) dat je wilt bereiken’.

Ik realiseerde me dat ‘als we volgens deze tekst woorden kiezen die ons motiveren dat er ook woorden zijn die we kiezen die ons niet-motiveren’.

De auteur vervolgt ‘bedenk, dat wat je moet leren is datgene te vermijden waardoor je ongemotiveerd raakt, woorden die je frustreren of waardoor je opgeeft. Want de woorden die je koppelt aan je ervaring, worden de ervaring zelf. Word je hier bewust van.’ Want als je constant praat over dat je je ergens aan kan ergeren, dan wordt je ook geërgerd. In plaats van dat je er van uitgaat dat je niet geïnspireerd raakt en hier op een andere manier mee wilt omgaan. Als je eens echt boos wilt worden, maar je gebruikt woorden als ‘ik ben te lief’ of ‘ik kan niet onaardig zijn’, dan lukt dat niet zo goed om kwaad te zijn’.

Ik realiseer me vervolgens dat een van de patronen die ik in mezelf ontwikkelt heb is dat ik altijd aardig wilde zijn en niet boos wilde worden. Door vriendelijkheid en aangepast gedrag wilde ik realiseren dat ik door anderen gestimuleerd en door hen positief bekrachtigd werd naar aanleiding van mijn gedrag.  Omdat ik de energie van boosheid en agressie wilde vermijden, had ik mezelf ten doel gesteld om de goede vrede te bewaren/herstellen. Een gedachte die ik mezelf heb aanvaard en toegestaan was ‘Ik mag niet boos worden, omdat ik aversie/weerstand/frictie ontwikkelt had tegen boosheid’.

Deze mind gedachten zijn ontstaan naar aanleiding van mijn ervaring met situaties ‘als ik een vraag of de behoefte had aan ondersteuning van mensen uit mijn omgeving, dan verwachte ik vooraf dat mijn vraag genegeerd of bekritiseerd zou worden’. Ik realiseer me dat ik verlangde naar positief gedrag (koestering, aanmoediging, troost) van de mensen uit mijn omgeving. Vandaar mijn vriendelijke aangepaste ‘allemansvriendje’ gedrag.

Waar ik behoefte aan had, en ik heb hier echt goed over moeten denken, was dat mijn wensen en behoefte gehoord werden, dat ik positief gestimuleerd werd. Dat mijn wens in vervulling zou gaan dat er geen ruzie zou zijn in huis en dat óók de leerkrachten en vriendjes op school mij vriendelijk bejegende.

De auteur vervolgt ‘want woorden geven grip en controle op het functioneren van ons brein zodat je de emotionele staat oproept die je nodig hebt in een bepaalde situatie. De meeste mensen kiezen er uiteraard voor om zich goed te voelen. Je goed voelen is nu eenmaal fijner dan je slecht voelen’.

Ik realiseer me dat ik dacht ‘ik wilde me goed voelen waar ik mezelf innerlijk slecht, onzeker en angstig ervaarde’. Het belang die de auteur van deze tekst beschrijft is dat we ons bewust moeten worden van de taal en woorden die we kiezen. Omdat woorden onze gedachten, de relatie met onze geest bepalen, wat effect kan hebben óf heeft op ons handelen.

Ik realiseer me dus als ik me innerlijk slecht, angstig en onzeker ervaar, dan zal ik hier eerst naar moeten kijken en vervolgens in mijn schrijven hierop zelfvergeving toepassen.

Ik realiseer me dat ik primair participeerde in de negatieve energie van ‘ik ervaar me innerlijk slecht, angstig en onzeker’. Bij tegenslag ‘in situaties als ik iets positiefs wil realiseren’ innerlijk de neiging ervaar om deze negatieve energie weer op te zoeken door gedrag dat slecht is voor mezelf, hetgeen effect heeft op mijn handelen en op de relatie met mijn omgeving.

De auteur sluit af met de woorden ‘woorden zijn de sleutel tot verschuiving van je gedachten, je fysieke verandering en verbetering van je resultaten. Denk in het vervolg na wat je tegen jezelf zegt’. Een belangrijk doel voor mezelf betreft ‘voor-denken’, in plaats van nadenken’.

Ik stel mezelf ten doel dat ik bewustzijn van de woorden die ik vooraf aan bepaald gedrag denk gewaar wil worden. Hier zelfvergeving op uitschrijven om Gewaarzijn van de invloed van mijn mind/geest te ontwikkelen. Waarmee ik mijn primaire focus ‘dat ik me innerlijk slecht, onzeker en angstig ervaar, mij realiseer, zie en begrijp, dat ik ervoor kies dat ik participeer in deze energie, eerst ontdoe van negatief geladen energie. Hetgeen ontstaat uit negatief geladen woorden die mijn gedachten creëren’ en vervolgens mijn gedrag.

Wordt vervolgd met een situatie waarin ik iemand ondersteun die tegenstrijdig handelt aan datgene wat de persoon zichzelf ten doel stelt. Waarover wij gezamenlijke afspraken maken, die de persoon vervolgens niet uitvoert.

Ik realiseer me dat het gedrag van deze persoon een negatieve invloed heeft op mij. Nadat de persoon bij vijf afspraken onbereikbaar was, zowel telefonisch als fysiek, ervaar ik in mezelf onzekerheid omdat ik mezelf de vraag voorleg ‘wil ik de persoon verder ondersteunen?’ Dit roept weerstand in me op omdat ik wil begrijpen en weten waarom de persoon niet wil of kan meewerken. Omdat ik de persoon niet persoonlijk kan bereiken maak ik me zorgen over zijn proces omdat de persoon kans maakt op een gedwongen maatregel, die opgelegd kan worden door de overheid. Want de afspraken die we hebben gemaakt zijn erop gericht om dit te voorkomen.

Wat ik me realiseer is dat ik niet boos kan worden op de persoon. Het leidt wel tot innerlijke onzekerheid, spanning en frustratie. Omdat ik pieker en mezelf onbewust de schuld geef ‘dat het niet lukt wat ik met de persoon overeen ben gekomen’. Ik twijfel niet aan mezelf omdat ik alle afspraken ben nagekomen. Door me niet langer op dit probleem te willen richten, leidt dit tot alcohol gebruik. Ik ontken hiermee het probleem en vermijd dat ik zelf mijn afspraken uitvoer. Ik wordt door alcohol gebruik dus onverschillig (ik zorg slecht voor mezelf). Dit heeft ook fysieke gevolgen zoals last van diarree en depressie.

Ik realiseer me ‘wil ik de persoon ondersteunen, zal ik eerst mijn eigen frustratie onder ogen moeten komen’. Want waarom denk ik dat de persoon mij en mijn goed bedoelde inzet negeert? Want de persoon is toch zelf verantwoordelijk voor de keuzes die de persoon maakt op moment dat hij me negeert.

Ondanks dat de organisatie waarvoor ik werk zelfverantwoordelijkheid en zelfregie promoot, ervaar ik innerlijk weerstand tegen het credo ‘zelfverantwoordelijk zijn’. Want vormt dit voor mij aanleiding om de ondersteuning stop te zetten? Omdat ik me realiseer en denk dat hij mijn goed bedoelde inzet ontwijkt? Of omdat ik veronderstel dat de persoon mij en mijn inzet niet serieus neemt waardoor ik me innerlijk niet gezien en gehoord ervaar? Waar ligt de grens voor mij ‘wel of niet doorgaan met de ondersteuning?

Wordt vervolgd.

 

Dag 443 Met elkaar overleggen.

Naar aanleiding van een gebeurtenis op mijn werk heb ik een gesprek gehad met een collega in bijzijn van mijn teamleider en zijn leidinggevende. Wij hebben gezamenlijk besproken, gekeken, nagedacht en overwogen hoe wij constructief kunnen samenwerken. Wij hadden overleg met elkaar.  

Vooraf aan dit gesprek had ik richting bepaald en mij voorgenomen dat ik tijdens dit gesprek  zonder vooroordeel zou luisteren naar de argumenten van elkaar met respect voor elkaars argumenten vanuit mijn overtuiging dat de ander iets voor hem/haar belangrijks te melden heeft. Ik had mijzelf ten doel gesteld ‘ik luister naar de argumenten van de ander(en). 

Gedurende dit gesprek werd mij duidelijk dat de aanwezigheid van mij en mijn teamleden binnen het werkgebied van mijn collega, weerstand oproept bij hem, omdat gemaakte afspraken ‘de momenten dat wij gebruik kunnen maken van faciliteiten binnen zijn werkgebied’ voor hem onduidelijk waren. Zie vorige blog.

Tijdens het gesprek was ik rustig en beheerst en liet mij niet verleiden door de beschuldigingen van mijn collega. Hij noemde mij een leugenaar want mijn verhaal kwam niet overeen met zijn versie. Ik benoemde de inhoud (concrete werkafspraken) en heb hiervoor meetbare argumenten aangedragen in overeen stemming met de afspraken die er al waren. Zo bleek tijdens het gesprek dat deze afspraken voor mijn collega niet duidelijk waren. Hij voelde zich overrompelt door onze komst binnen zijn werkgebied. Na zijn uitleg, en mede door dit overleg, werd mij duidelijk waar voor hem de schoen wringt.

Realisatie: ‘door zijn uitleg heb ik begrip voor zijn reactie’.

Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard dat ik de inbreng van mijn collega bekritiseer, zonder uitleg, overleg en inzicht in de argumenten van mijn collega. Als en wanneer ik de bijdrage van mijn collega bekritiseer, dan Stop ik en Adem.

Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard dat ik de bijdrage of mening van anderen bekritiseer omdat ik geen oog heb voor hun bijdrage.

Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard dat ik bij afwijkende argumenten denk ‘jij bent ongeschikt voor deze functie (collega) of zoals ik vroeger dacht.

Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard dat ik bij afwijkende gedrag, anders dan wat ik voor ogen had, van mening was dat zij ongeschikt waren als ouder, juf of andere mensen waarvan ik dacht dat zij mij of mijn bijdrage belachelijk maakte.

Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard dat ik mij meer geschikt achtte dan anderen.

Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard dat ik mijzelf als mens en gedrag profileer als ‘geschikt – perfect’ en gedrag van de ander ‘als’ ongeschikt – ondeugdelijk.

Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard dat ik door ruzie en conflict tussen mijn ouders gedachten heb aangeleerd en dacht ik zal het beter gaan doen dan jullie, waardoor ik de energie van conflict heb veroordeeld als negatief. 

Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard dat ik van mening was dat zij ongeschikt waren om voor mij te zorgen, want ik dacht ‘jullie bekritiseren elkaar voortdurend en naar buiten toe zijn jullie vriendelijk.

Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard dat ik mij door hun schreeuwerige, onvriendelijke en agressieve communicatie onveilig voelde en dacht dat zij elkaar niet respecteerde als mens.  

Als en wanneer ik de energie van kritiek ervaar, dan Stop ik en Adem.

Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard dat ik na de gebeurtenis met mijn collega overwogen heb om te stoppen met mijn werk.

Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard dat ik mij in zijn bijzijn, door zijn schreeuwerige, agressieve en onvriendelijke gedrag, onveilig en niet gerespecteerd voelde.

Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard dat ik door zijn houding ging twijfelen of ik geschikt ben om, om te gaan met conflictsituaties.

Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard dat ik mij niet gerespecteerd voelde omdat mijn collega mijn verzoek tot overleg in mijn bijzijn besprak met andere collega’s waardoor ik dacht ‘mijn visie/ervaring wordt niet meegenomen in jouw verhaal.

Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard dat ik dacht ‘jij bent niet oprecht en schijnheilig’.

Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard dat ik vervolgens dacht zelfs de collega’s waartegen jij jouw verhaal doet, bevragen mij niet, waardoor ik in hen ook potentiele vijanden zie, omdat ik niet bevraagd wordt, en van uitleg en overleg wordt uitgesloten, omdat ik mij door de energie van kritiek die ik mij Gewaar werd in mijzelf, ging afsluiten voor overleg, uitleg, dialoog en open ‘Geweldloze’ communicatie. 

Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard zodra ik veronderstel ‘als’ ik door collega’s wel gesteund en gehoord wordt, dan wordt ik serieus genomen.

Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard dat ik meer vertrouwen heb in mensen die vriendelijk zijn, en een voorkeur heb ontwikkelt voor en focus op mensen die de energie van vriendelijkheid uitstralen.

Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard omdat ik de energie van conflict in mijzelf heb toegestaan en aanvaard dat ik veronderstel dat vriendelijkheid ook ieder moment kan omslaan in vijandigheid, zodra ik dit in mijzelf, bij/door de ander waarneem in zijn/haar mimiek en toonhoogte, wat ik interpreteer als agressieve communicatie.  

Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard dat ik door de energie van conflict in mijzelf, gedrag van anderen veroordeel, en veronderstel dat ik door gedrag van anderen geïntimideerd wordt.

Als en wanneer ik in mijzelf de energie van conflict Gewaar ben, dan Stop ik en Adem. Ik realiseer mij zie en begrijp dat de energie van twijfel over de oprechtheid en vriendelijkheid van mensen mijn Zelfoprechte vriendelijkheid en Zelfoprechtheid negatief beïnvloed.

Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard dat ik twijfel aan de oprechtheid van mensen als zij vriendelijk zijn omdat vriendelijkheid voor mij een dubbele boodschap bevat omdat ik de energie van conflict en agressie in mijzelf onderdruk. 

Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard dat ik vriendelijkheid associeer met gedrag dat ieder moment kan omslaan in vijandigheid.

Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard dat ik de gedachte had om mijn collega op te wachten om hem een pak slaag te geven.

Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard dat ik mijn gevoelens van vijandigheid onderdruk achter een masker van vriendelijkheid omdat ik gevoelens van schaamte ervaar als ik eraan denk dat ik met agressie mijn gevoelens van conflict wil rechtvaardigen.

Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard dat ik iemand fysiek geweld wil aandoen omdat ik in mijzelf de energie van boosheid en haat gevoelens onderdruk heb, die ik mij Gewaar werd naar aanleiding van de boosheid en haat die ik waarnam in de ogen van mijn collega. 

Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard dat ik de energie van boosheid en haat in mijzelf heb toegestaan naar aanleiding van de momenten waar ik samenwerkte met mijn vader en van hem vaak kritiek kreeg op mijn bijdrage.

Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard dat tijdens mijn werk toen mijn stinkende best deed om gerespecteerd te worden en dat ik mijn gedachte dat ik niet gerespecteerd werd, omdat ik veronderstelde dat alles wat ik deed, daar vervolgens kritiek op volgde.

Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard dat ik in mijzelf gedachten heb toegestaan en veronderstelde dat overleg en dwang om mee te werken in de zaak vanzelf sprekend werden, terwijl mijn vriendjes gezellig samen aan het spelen waren.

Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard dat ik een hekel kreeg aan samenwerken, want samenwerken is niet gezellig, en daarnaast wordt mijn bijdrage tóch nooit gewaardeerd.

Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard dat ik vervolgens andere manieren ging zoeken om wel waardering te ervaren.

Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard dat ik mij heb aangepast aan de energie van conflict en verwarring, die ik in mijzelf onderdrukt heb omdat er geen overleg was over de manier van samenwerken.

Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard dat ik mijzelf negatief evalueerde omdat ik geen uitleg kreeg voor de beweegredenen van mijn vader end act dat alles wat ik doe toch negatief wordt beoordeeld door hem. 

Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard dat ik mij aangepast heb en onderworpen aan de wisselende (agressieve stemmingswisselingen van mijn vader) en angst heb ontwikkelt voor kritiek omdat ik dacht dat mijn bijdrage en mijn zijn als Zelfoprecht fysiek wezen werd betwijfeld.

Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard dat ik daarnaast de angst voor waardering in mijzelf heb aanvaard en toegestaan omdat ik dacht dat ik niet perfect, als mens mislukt was en minderwaardig, in mijzelf de energie van onzekerheid heb ontwikkelt omdat ik veronderstelde dat mijn Zelfoprechte waardigheid en mens-zijn niet werd gerespecteerd.  

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Dag 442 overleggen en samenwerken

Naar aanleiding van de reactie van een collega op mijn werk zie ik wat er in mijzelf gebeurt. Ik realiseer mij tijdens deze gebeurtenis, waarin ik met mijn collega wil overleggen, een patroon: ‘als’ ik wil overleggen, dat ik vooraf aan mijn verzoek al denk dat mijn verzoek vervolgens resoluut wordt afgewezen. In mijn vorige blog sluit ik af: ‘als en wanneer ik in mijzelf de energie van verwarring manifesteer naar aanleiding van de manier waarop iemand mij openlijk bekritiseert, dan Stop ik en Adem.

Als en wanneer ik vooraf aan mijn verzoek om overleg te hebben in mijzelf de energie van twijfel en de emotie angst ervaar, dan Stop ik en Adem. Ik realiseer mij zie en begrijp dat ik deze energie van verwarring in mijzelf manifesteer omdat ik denk dat mijn verzoek resoluut wordt afgewezen.

De betekenis van overleggen volgens het woordenboek: gezamenlijk bespreken, kijken naar, nadenken, overwegen, praten, met iemand bespreken, raadplegen, iets met elkaar bespreken; ‘ze overlegde met elkaar’.

Mijn betekenis: naar elkaar luisteren zonder vooroordeel, respect hebben voor elkaars argumenten, luisteren naar de ander vanuit de overtuiging dat de ander iets (voor hem/haar) belangrijks te zeggen heeft, de mening van de ander respecteren, die mening is even belangrijk als de mijne.

Daarom realiseer ik mij dat ik vooraf aan het overleg met mijn collega denk: ‘mijn voorstel om gebruik te maken van de pc binnen zijn werkgebied wordt door hem resoluut afgewezen’.

Hierin herken ik een patroon, mind gedachten die ik mij heb aangeleerd: ‘mijn voorstel of inbreng wordt bekritiseerd of belachelijk gemaakt’. Mijn gevoel/emotie/ waaruit gedachten ontstaan is: ‘uit angst voor kritiek en afwijzing probeer ik om de goede vrede te bewaren’. Mijn gedrag: ‘binnen situaties waarin ik mij angstig voelde om mijn bijdrage te leveren, vaak mijn woorden ingeslikt heb om de energie van kritiek en afwijzing in mijzelf te vermijden/ontwijken. Vaak ben ik weggelopen als mensen het oneens waren met mij omdat ik niet heb geleerd hoe ik assertief mijn argumenten communiceren. Dit vluchtgedrag heeft voor veel ellende en teleurstellingen gezorgd.  

Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard dat ik onvoldoende oprecht, vooraf aan het verzoek aan mijn collega, de aspecten die de energie van twijfel en angst in mijzelf manifesteren, niet onder ogen ben gekomen, waardoor mijn verzoek niet Zelfoprecht is. Als en wanneer ik een voorstel wil doen op basis van de energie van angst en twijfel, dan Stop ik en Adem. Ik realiseer mij zie en begrijp dat mijn twijfel en angst gemanifesteerd worden door mijn veronderstelling ‘dat mijn verzoek niet wordt aangehoord’ waardoor ik denk dat anderen mij niet serieus nemen’.  

Als en wanneer ik vooraf aan een verzoek in mijzelf verwarring en twijfel bespeur, dan Stop ik en Adem. Ik realiseer mij zie en begrijp dat ik om verwarring te voorkomen vaak ben weggevlucht waardoor ik relaties, zowel privé als zakelijk, veronachtzaamd heb. Hierdoor manifesteerde ik in mijzelf, door verlieservaringen en teleurstelling, meer energie van twijfel en angst, waardoor ik mijn competenties en talent ondermijnd heb.  De gedachten dat mijn bijdrage bekritiseerd werd riep in mij weerstand op en frictie. In wezen stemde ik in met mijn veronderstelling dat anderen mijn bijdrage afwezen. Nu ik dit opschrijf voel ik fysiek mijn hart en onderbuik gevoelens in mijn nek kloppen.

Als en wanneer ik denk dat gedrag van anderen aanleiding is dat ik twijfel of angst ervaar om mijn voorstel tot overleg te communiceren, dan Stop ik en Adem. Ik realiseer mij zie en begrijp dat ik mensen bekritiseer die mij mijn twijfel tot overleg spiegelen als woorden en gedachten ‘jij deugd niet want jij neemt mij niet serieus’.

Als en wanneer ik de inbreng van anderen bekritiseer omdat zij afwijken van mijn plan, dan Stop ik en Adem. Ik realiseer mij zie en begrijp als ik de bijdrage of mening van anderen bekritiseer, geen oog heb voor hun bijdrage en denk ‘jij bent ongeschikt voor deze functie (collega) of zoals ik vroeger dacht, ongeschikt als ouder, juf of andere mensen waarvan ik dacht dat zij mij of mijn bijdrage belachelijk maakte.

Als en wanneer ik mij meer geschikt acht dan een ander, dan Stop ik en Adem. Ik realiseer mij zie en begrijp dat ik mijzelf als mens en in mijn gedrag profileer als ‘geschikt – perfect’ en gedrag van de ander ‘als’ ongeschikt – ondeugdelijk. Bij ruzie en conflict tussen mijn ouders heb ik mij deze gedachten aangeleerd. Ik dacht jullie zijn niet geschikt om voor mij te zorgen. Jullie bekritiseren elkaar voortdurend en naar buiten toe zijn en doen jullie vriendelijk. Ik voelde mij onveilig en niet gerespecteerd als mens.  

Als en wanneer ik de energie van kritiek ervaar, dan Stop ik en Adem. Ik realiseer mij zie en begrijp dat ik na de gebeurtenis met mijn collega overwogen heb om te stoppen met mijn werk. In zijn bijzijn voel ik mij niet langer veilig. Ik ga twijfelen of ik geschikt ben om, om te gaan met conflictsituaties. Ik realiseer mij omdat mijn collega mijn verzoek tot overleg bespreekt met andere collega’s, waardoor ik denk ‘mijn visie/ervaring wordt niet meegenomen in jouw verhaal, jij bent niet oprecht en schijnheilig’. Zelfs die collega’s waartegen jij jouw verhaal doet, bevragen mij niet, waardoor ik in hen ook potentiele vijanden zie.

Als en wanneer ik veronderstel als ik door collega’s wel gesteund en gehoord ben, dan wordt ik serieus genomen, dan Stop ik en Adem. Ik realiseer mij zie en begrijp dat ik meer vertrouwen heb in mensen die vriendelijk zijn, en focus op mensen die de energie van vriendelijkheid uitstralen, wat ieder moment kan omslaan in dreiging of vijandigheid in mimiek en toonhoogte.  

Als en wanneer ik door gedrag van anderen geïntimideerd wordt, dan Stop ik en Adem. Ik realiseer mij zie en begrijp dat de energie van twijfel over de oprechtheid en vriendelijkheid van mensen mijn angst voor vriendelijkheid en oprechtheid negatief beïnvloed. Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard dat ik twijfel over de oprechtheid van mensen als zij vriendelijk zijn omdat vriendelijkheid voor mij een dubbele boodschap bevat. Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard dat ik vriendelijkheid associeer met gedrag dat ieder moment kan omslaan in vijandigheid in mimiek, toonhoogte en of fysiek geweld.

Nieuwe realisatie: Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard dat ik de gedachte had om mijn collega op te wachten om hem een pak slaag te geven. Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard dat ik mijn gevoelens van vijandigheid onderdruk achter een masker van vriendelijkheid.

Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard dat ik afspraken wil maken op mijn werk waarvan ik denk dat collega’s deze afspraken óók accuraat naleven en zodra zij afwijken van deze/mijn norm in mijzelf verwarring ervaar omdat de situatie voor mij dan niet langer veilig en overzichtelijk blijkt.

Net als in mijn vorige blog realiseer ik mij dat ik naast Zelfvergeving op de energie van verwarring, angst en twijfel, met de informatie die ik mij realiseer vervolgens richting kan bepalen.

Ik heb zelfs overwogen om te stoppen met werken binnen deze setting. Ik heb mijzelf in mijn vorige blog ten doel gesteld dat ik nadat ik mijn teamleider over deze gebeurtenis heb gemaild niet kan verwachten dat er een gesprek plaats vind tussen mijn collega, mij en de teamleider. Ik ga dit voorstel wel doen. 

Welke consequentie ik hieraan verbind is mij nog niet duidelijk. Gewaarzijn wat ik heb ontwikkelt naar aanleiding van deze gebeurtenis is dat ik mijn angst, twijfel en verwarring onder ben gekomen in deze blogs. Dat ik iemand fysiek geweld wil aandoen in mijn gedachten, daar schrik ik van naast dat het oplucht dat ik deze energie van boosheid en haat (die ik zag in de ogen van mijn collega) onder ogen ben gekomen in deze blog.

Het thema overleggen en samenwerken bevat nog andere aspecten namelijk dat ik tijdens samenwerken met mijn vader vaak kritiek kreeg op mijn bijdrage. Ik doe mijn stinkende best om gerespecteerd te worden en daar krijg ik kritiek op. Thuis werd ervan mij , zonder overleg, verwacht (dwang) dat ik meewerkte in de zaak terwijl mijn vriendjes gezellig samen aan het spelen waren. Werken was niet gezellig en werd volgens mij niet gewaardeerd.

Vervolgens ben ik andere manieren gaan zoeken om waardering te ervaren. Die zal ik hier nog niet bespreken. Aan de energie van conflict en verwarring (die ontstond omdat er geen overleg en uitleg was) heb ik mij aangepast en aan onderworpen.

Ik realiseer mij dat ik ook toezeggingen heb gedaan, die ik later heb bijgesteld of uitgesteld (procrastination).

Wordt vervolgd.

Stil A Honest Way to Go. 🙂  

Bedankt!

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Dag 441 Zelfvergeving

Naar aanleiding van de reactie van een collega op mijn werk zie ik wat er in mijzelf gebeurt. Als ik wil overleggen met hem, (dan) wijst hij resoluut mijn verzoek af. Ik vraag hem of een cliënt gebruik mag maken van een pc binnen het werkgebied waar hij werkt, waarbinnen wij (ons team) als collega’s ook gebruik maken van specifieke faciliteiten zoals pc’s.

Ik realiseer mij naar aanleiding van deze gebeurtenis – overleggen – een patroon in mijzelf, namelijk, ‘als’ ik overleg al denk dat mijn verzoek ‘dan’ resoluut wordt afgewezen.    

Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard dat ik vooraf aan het verzoek dat ik voor ogen heb aan mijn collega, in mijzelf energie van twijfel en de emotie angst ervaar, omdat ik denk dat mijn verzoek resoluut wordt afgewezen.

Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard dat ik onvoldoende oprecht, vooraf aan het verzoek aan mijn collega, de aspecten die de energie van twijfel en angst in mijzelf manifesteren, niet onder ogen ben gekomen, waardoor mijn verzoek niet Zelfoprecht is, maar doe op basis van de energie van angst en twijfel omdat ik denk dat mijn verzoek niet wordt aangehoord.  

Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard dat ik vooraf aan mijn verzoek veronderstel dat mijn collega mijn verzoek zal afwijzen, waardoor ik in mijzelf verwarring ervaar, veroorzaakt wordt door mijn gedachten, die mij belemmeren om Zelfoprecht met hem in gesprek te blijven, omdat ik in mijzelf de energie van afwijzing ervaar (niet gehoord worden veronderstel), en naar aanleiding van mijn verzoek zijn reactie afwijkt van dat wat ik voor ogen heb, ‘ik wil dat jij instemt met mijn verzoek, ondanks mijn angst en twijfel’.

Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard dat ik mij vooraf aan dit verzoek een ervaring herinner aan een onverwacht moment, waarin deze collega in bijzijn van cliënten mijn werkwijze/begeleiding/ondersteuning bekritiseerde, nadat hij ongevraagd commentaar gaf op mijn manier van handelen.

Zelfvergeving op deze vorige ervaring.

Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard dat ik naar aanleiding van het gedrag van mijn collega zijn inbreng ervaar als bemoeienis en kritiek op mijn aanpak.

Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard dat ik achteraf dacht: ‘jij deugd niet’ want jij ondermijnt mijn positie en rol als begeleider waardoor ik mij onveilig voel.

Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard dat ik naar aanleiding van zijn reactie denk ‘jij bent als mens ongeschikt om binnen deze setting te werken’.

Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard dat ik mijn collega als mens ongeschikt vind voor de rol die hij vervult binnen deze setting omdat ik mij naar aanleiding van zijn reactie onveilig voel nadat hij zich bemoeit met mijn interventie omdat ik zijn gedrag ervaar alsof hij kritiek heeft op mij als mens.

Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard als ik in mijzelf de energie van kritiek ervaar dan vervolgens denk dat ik niet deug als mens.

Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard dat ik naar aanleiding van de reactie van mijn collega denk dat hij mijn inzet belachelijk maakt waardoor ik in mijzelf verdriet en gevoelens van onzekerheid ervaar en begin te twijfelen over mijn geschiktheid en rol als begeleider.

Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard dat ik veronderstel als ik door mijn collega gesteund en gehoord wordt dat ik geslaagd/geschikt/perfect ben als mens en begeleider.

Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard dat ik mijzelf door de reactie van anderen laat intimideren en mijn geschiktheid laat bepalen.

Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard dat ik de opvatting van mijn collega als kritiek en bemoeienis opvat/interpreteer.

Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard dat ik bij een reactie waarbij ik kritiek veronderstel van mening ben ‘ik voldoe niet aan jouw norm, dus ik ben ongeschikt volgens jou’.

Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard nadat de cliënten weg waren, met mijn collega in gesprek ben gegaan en zijn handelen richting mij in bijzijn van cliënten heb veroordeeld.

Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard dat ik onder invloed van deze negatieve energie in overleg ga met de vraag ‘dat wij in het vervolg samen overleggen zodra ik gebruik wil maken van een pc binnen zijn werkgebied’.

Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard dat ik vooraf aan een volgend verzoek twijfel aan mijn collega omdat ik veronderstel dat mijn collega geen gehoor geeft aan mijn verzoek.

Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard dat ik vooraf aan dit verzoek in mijzelf verwarring ervaar, omdat ik bang ben voor de reactie van mijn collega, zelfs nadat er overleg heeft plaats gevonden met de teamleiding, omdat ik twijfel aan de oprechtheid van mijn collega nadat hij de toezegging heeft gedaan dat wij (mijn collega’s en ik) in overleg met hem samen kunnen besluiten om wel of niet gebruik te maken van de pc binnen zijn territorium/werkgebied.

Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard dat ik vooraf aan mijn verzoek om medewerking twijfel aan de oprechtheid en bereidheid van mijn collega om samen te overleggen.

Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard dat ik verward ben nadat mijn collega mijn verzoek afwijst en tegen hem zeg dat ik het niet eens ben met zijn besluit, dat ik geen gebruik mag maken van de pc binnen zijn werkgebied, omdat hierover met de teamleiding afspraken zijn gemaakt.

Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard dat ik verdrietig wordt als ik mijn collega tegen andere collega’s hardop hoor zeggen dat ik de enigste medewerker ben die gebruik wil maken van de pc, niet ik maar hij de regels niet naleeft.

Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard dat ik in mijzelf de energie van onbetrouwbaarheid ervaar als mensen afspraak regels niet naleven.

Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard dat ik de manier waarop mijn collega tegen anderen collega’s over mijn handelen communiceert ervaar alsof ik belachelijk wordt gemaakt, en denk dat ik niet geschikt ben voor het werk dat ik verricht.

Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard dat mijn collega mij een moment later in het voorbij gaan aankijkt waardoor ik denk dat zijn blik mij wil doden.

Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard dat ik die blik associeer met de mimiek van mijn vader die mij in het bijzijn van klanten in zijn zaak bekritiseerde, beschimpte en belachelijk maakte omdat hij bij drukte tijdens mijn samen werken met hem, het overzicht niet kon bewaren.

Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard dat ik de controle verlies nadat mijn collega mij hardop bekritiseerde tegen collega’s waarbij mij niet om mijn mening werd gevraagd.

Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard dat ik door het gedrag van mijn collega niet meer zijn werkgebied durfde te betreden nadat hier inmiddels weer cliënten aanwezig waren.

Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard dat ik niet naar binnen durfde te gaan uit angst voor de reactie van mijn collega.

Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard dat ik in het verleden in reactie op het gedrag van mijn vader angst heb ontwikkelt waardoor ik mij naar aanleiding van zijn gedrag, in het bijzijn van klanten, angst voelde en naar aanleiding van zijn gedrag dacht ‘ik deug niet’, ‘ik mag er niet zijn’, ‘ik ben ongewenst kind/gezelschap’, ‘mijn aanwezigheid wordt niet gewaardeerd’, ‘mijn inzet wordt niet gezien’, ‘erkent’ of ‘gerespecteerd’, ‘ik ben minderwaardig’, waardoor ik mij realiseer zie en begrijp, zodra mensen afwijken van mijn verwachting ‘ik wil samen overleggen’, in mijzelf al focus op de energie van verwarring’ en vooraf aan overleg veronderstel’ ‘mijn collega zijn minder accuraat dan ik en handelen toch niet volgens gemaakte afspraken, waardoor ik in mijzelf de energie van onbetrouwbaarheid en onveiligheid manifesteer/ervaar waardoor, als ik veronderstel dat ik iemands comfortzone/werkgebied betreed, niet durf te betreden omdat ik kritiek verwacht, mij realiseer, zie en begrijp mijn energie van kritiek in mijzelf aanvaard en toegestaan, wil vermijden.

Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard dat ik participeer in de energie van kritiek, die ik in mijzelf manifesteer, naar aanleiding van de manier waarop mijn collega communiceert nadat ik met hem wil overleggen, omdat hij resoluut en star mijn voorstel afwijst met ongegronde argumenten waarmee ik niet langer akkoord ga.

Als en wanneer ik in mijzelf de energie van verwarring manifesteer naar aanleiding van de manier waarop iemand mij openlijk bekritiseert, dan Stop ik en Adem. (zie vorige blog).

Ik stel mijzelf ten doel dat ik een gesprek wil met deze collega in bijzijn van de teamleiding waarin ik duidelijkheid vraag over het gebruik van de pc binnen het werkgebied van mijn collega, afspraken die eerder zijn gemaakt, waarmee ik voor mijzelf heb besloten dat ik afspraken maak waarmee ik later samen kan overleggen en tot overeenstemming kan komen, bij onduidelijkheid over wanneer ik (wij) wel of niet gebruik kunnen maken van de faciliteiten (pc’s) binnen zijn werkgebied.

Ik stel mijzelf ten doel dat ik de energie van conflict in mijzelf verder onder ogen zal komen omdat ik hiervoor zelf verantwoordelijk ben,

wordt vervolgd….

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Dag 440 alcohol 5 vervolg impressie op twijfelen.

Vandaag las ik mijn blog terug van dag 411.

Ik kan met mijn vinger wijzen en twijfelen zoveel als ik wil – maar als ik kijk en mijzelf en mijn twijfel onder ogen kom, dan zie ik wat er in mijzelf gebeurt. Wat ik bij twijfel waarneem en ervaar is de ervaring van twijfel die ik in mij als mijzelf heb aanvaard en toegestaan. Mijn twijfel ervaring blijft hetzelfde zolang ik de aspecten die de energie van twijfel in mijzelf manifesteert niet oprecht onder ogen kom.

In die blog onderzocht ik aspecten die bijdragen aan mijn twijfel, gedachten die mij belemmerde om daadwerkelijk een test te maken.

Ik kon mij vooraf aan de test namelijk een ervaring herinneren waarin ik ‘een vergelijkbare test had gemaakt’. De uitslag viel toen negatief uit. Ik had onvoldoende hoog gescoord. Ik stond voor de keuze – ‘wel of niet een vergelijkbare test maken’. 

Volgens mijn mind veronderstelling bevatte de testuitslag, die bepalend was als toelating voor een opleiding, nog een onderdeel: namelijk of dat ik geschikt zou zijn (als mens).  Want wel of niet toegelaten worden aan de opleiding diende voor mij als bewijs. De gedachten waaruit ik zowel positieve als negatieve energie genereer zijn: ‘geschikt – ongeschikt’. ‘Geschikt = perfect. Ongeschikt = jij deugd niet’.

Na het terug lezen van die blog realiseer ik mij zie en begrijp dat hieronder een volgende laag veronderstellingen schuilt. ‘Ik ben als mens geslaagd als ik een voldoende scoor’, ‘waarmee ik anderen kan laten zien, de testuitslag fungeert als bewijs’ ‘dat ik perfect/geschikt ben’ want dan voldoe ik aan de norm. 

‘Als ik de test haal’ dan ben ik geslaagd en perfect. Dan wordt ik serieus genomen door mensen uit mijn omgeving’. ‘Als mensen afwijken van de norm/regels die ik op mijn werk toepas, dan zijn zij niet perfect, dan deugen zij niet/ongeschikt’. Ik realiseer mij dat ik primair focus op ‘als’ iemand afwijkt van mijn verwachting: de manier waarop ik de veiligheidsregels toepas of mij tegenspreekt, dan deugd die persoon niet’. Ik realiseer mij dat ik mij tijdens werk houdt aan de geldende afspraken (zie vorige blog). Ik ben accuraat in de naleving van regels m.b.t. veiligheid-instructies.

Resultaat: angst om te falen en daarom succesvol willen zijn. Ik moe(s)t anderen bewijzen dat ik er mag zijn. Door te voldoen aan de/hun norm, wordt ik gezien, gehoord, gewaardeerd, erkent en gerespecteerd.  

Ik heb door mijn (zelfoordeel) niet slagen voor de test = ‘als ik niet voldoe aan de norm/eis, dan deug ik niet (negatief). Wel geslaagd voor de test = ik ben succesvol (positief). Net als mijn zus die volgens mijn moeder beter kon studeren. Want volgens mijn moeder was zij geslaagd/perfect. Waardoor ik dacht ik ben minder/ongeschikt =’ik deug niet’. Dus eigenlijk straf ik mijzelf voortdurend (alcohol) zolang ik blijf focussen op de energie die ontstaat uit mijn manier van denken, zodra collega’s die afwijken van de regels, en hen negatief beoordeel, omdat ik mij voornamelijk richt op dat ‘wat niet deugd’.

Ik beoordeel mensen hoe zij mij beoordelen als de manier waarop ik mijzelf altijd beoordeel(d) heb vanuit de veronderstelling ‘ik deug niet dus ik krijg en verdien straf’.  

Volgens mijzelf betekent niet succesvol zijn = mislukkeling = loser = ik ben zonder betekenis = ik deug niet betekent straf. Ik realiseer mij zie en begrijp ‘ik ben accuraat in het naleven van de veiligheidseisen op mijn werk’. Ik beoordeel collega’s of zij óók accuraat zijn. Als zij niet accuraat zijn, zorgt dit bij mij voor verwarring. Ik begrijp niet dat collega’s zich niet houden aan de regels. In mijn beleving werd ik als kind onvoldoende beschermt en niet geïnformeerd hoe ik met onveilige situaties moest dealen. Mijn opvoed instructies en thuissituatie heb ik als verwarrend ervaren. Ik dacht bij straf (van de juf op de eerste klas lagere school) ook ik deug niet. Ik moest namelijk gehoorzaam zijn aan de opvoedeis van mijn ouders dat ik moest luisteren naar de instructies van volwassenen. Mij werd niet geleerd wat te doen als ik mij onveilig voelde.  

Ik realiseer mij dat ik pietluttig kan zijn in mijn beoordeling en de manier waarop collega’s zich conformeren aan de regels. Ik realiseer mij óók dat ik van mening was dat mijn opvoeders pietluttig waren in hun beoordeling naar mij toe als ik aan tafel tijdens eten niet voldeed aan hun normen. Hun reacties waren vaak overdreven, zo dacht ik. Hoe ik creatief kon omgaan met situaties was mij onbekend. Omdat ik niet buiten de lijntjes wilde bewegen en de regels van mijn opvoeders naleefde. Simpelweg door een gebrek aan informatie hoe ik anders kon omgaan met situaties waarin ik mij onveilig voelde. Mij werd geleerd dat ik mij moest aanpassen en gehoorzaam zijn aan de eis van anderen.  

Woorden die ik ga onderzoeken: accuraat, verwarring, pietluttig, creatief, straf, onderwerping, eisen, toewijding, Sub, Dom(me), alcohol, procrastination. Wordt vervolgd met Zelfvergevingen en verdieping van de beschreven woorden.

destabiliseer.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Dag 412 Guess-work

Guesswork – the negative process or results of guessing.
So there’s a certain amount of negative energy from guesswork or predicting that goes around in my mind.

 

Vermoeden (Guesswork) – denken dat iets waarschijnlijk zo is, veronderstellen, het op grond van mijzelf bepaalde aanwijzingen, een redenering in mijzelf, waardoor ik mij realiseer, zie en begrijp door mijn mind wordt getracht dat ik uit bekende gegevens meer duidelijkheid wil krijgen over een voor mij nog onbekend gegeven.

Sounding: in mijzelf ervaar ik twijfel, ik ben nog onbekend (angst) met een testuitslag, een test die ik nog moet maken. Ik realiseer mij, zie en begrijp dat ik aan de onbekendheid van de testuitslag, vooraf aan de test, een negatieve betekenis toeken. Onbekend is onbemind, want onbekend wijkt af van mijn bekende vermoeden. Onbemind en onbekend ervaar ik in mijn mind, vooraf aan het maken van de test, als negatief. Hiermee bevestig ik mijn negatieve vermoeden en voorzie mijzelf van negatief  geladen emotionele angst om te slagen energie.

Op mijn mind veronderstelling/vermoeden schrijf ik in deze blog zelfvergeving en zelfcorrecties. Zie voor context vorige blog waarin ik mijn realisaties en vermoeden beschrijf.

Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard dat een irritant zinnetje in mijn mind mij vertelt dat ik een test niet succesvol kan maken. 

Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard dat ik mijzelf toesta dat mijn negatieve emoties van twijfel die ontstaan uit dit zinnetje in mijn mind, waardoor ik in mijzelf angst manifesteer, hetgeen mij belemmerd om een test te maken. Als en wanneer ik naar aanleiding van een zinnetje in mijn mind mijzelf in mijn keuze om wel te slagen belemmer, dan Stop ik en Adem. 

Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard dat mijn vermoeden mij negatief bevestigd, omdat ik een zelfde test al eens heb gemaakt, dat ik de test niet haal, omdat ik bij de vorige poging onvoldoende heb gescoord. 

Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard omdat ik voor de keuze sta om een toelatingstest te maken waaruit mijn geschiktheid blijkt als minimale toelatingseis voor een opleiding, dat ik vermoed dat ik de test niet haal omdat ik mij realiseer, zie en begrijp dat ik mijn huidige keuze baseer, naar aanleiding van de vorige testuitslag, veronderstel dat mijn score nu, weer ontoereikend is, net als de vorige keer, en toen niet kon starten met een vergelijkbare opleiding waarvoor ik nu een test moet maken. Als en wanneer ik mijn huidige keuze baseer op informatie naar aanleiding van een negatieve herinnering, dan Stop ik en Adem.

Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard dat ik vermoed dat ik ongeschikt ben om de test succesvol te maken en daarom ongeschikt ben om te starten met een vergelijkbare opleiding waarvoor ik toen werd getest, nu weer voor gekozen heb. Als en wanneer ik denk dat ik mijzelf niet succesvol en effectief kan ondersteunen, dan Stop en Adem. Ik realiseer mij zie en begrijp zolang ik mijn negatieve vermoeden bevestig, nooit uit mijn comfortzone stap, geen richting kan bepalen zolang ik veronderstel dat ik ongeschikt ben om wel succesvol te zijn.

Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard dat ik mijn vermoeden bevestig omdat ik naar aanleiding van een vorige negatieve testuitslag twijfel om nu de test weer te maken omdat ik denk – ‘ik scoor een onvoldoende op de test’. Als en wanneer ik mijn vermoeden bevestig ‘ik scoor weer een onvoldoende voor de test’, dan Stop ik en Adem. 

Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard dat ik mijzelf hoor zeggen ‘als ik maar geen onvoldoende scoor voor de test’. Als en wanneer mijn negatieve vermoeden met negatieve woorden bevestig, dan Stop ik en Adem. Ik realiseer mij dat ik in mijzelf angst genereer door de negatieve woorden die ik met mijzelf in mijn mind bespreek waardoor ik mijn negatieve zelfoordeel bevestig.

Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard dat mijn angst dat ik faal mij weerhoudt dat ik mij inschrijf voor de test. Echter, ik realiseer mij ‘als’ ik succesvol wil zijn, ‘dan’ moet ik zelf richting bepalen. Als en wanneer ik mijzelf weerhou dat ik mijzelf effectief ondersteun en richting bepaal, dan Stop ik en Adem.

Ik stel mijzelf ten doel om mijn ‘wat-wel’ slagingskans te vergroten:

  • Dat ik mij minimaal moet aanmelden voor de test;
  • Oefentesten maak op internet;
  • Mensen raadplegen die mij praktische tips geven die mijn effectief ondersteunen zodat ik mij optimaal voorbereid om mijn slagingskans te vergroten;
  • Contact opnemen met een vertegenwoordiger van de opleiding om mijn negatieve vermoeden te bespreken, omdat ik mij realiseer, zie en begrijp dat mijn gedachten naar aanleiding van de vorige testuitslag mij beperken in mijn keuze om mij wel in te schrijven voor de test,
  • Daarnaast speelt het financiële aspect van mijn inschrijving een rol waardoor ik mijn keuze uitstel. Voor het financiële deel van de test neem ik contact op met een vertegenwoordiger van de uitkeringsinstantie zodat ik mijn vragen oprecht bespreek.

https://eqafe.com/p/looking-for-a-better-future-quantum-systemization-part-123

http://lite.desteniiprocess.com/

http://desteni.org/

http://wiki.destonians.com/Main_Page

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Dag 411 Mind impressie twijfelen

U kunt met uw vingers wijzen en anderen beschuldigen zoveel als u wilt – maar kijk eens wat er gebeurt – de ervaring van beschuldiging, die ontstaat uit uw gedachten, existeert in U als uzelf en blijft hetzelfde.

Gedachten volgen instructies. Instructies bestaan als een innerlijke structuur wat we herinnering noemen. Herinnering is een opgehoopte verzameling informatie wat we kennis, geleerdheid, bekendheid of kunde noemen. Kennis en kunde die goed voelt noemen we wijsheid. Kennis en kunde die niet goed voelt noemen we een belemmering. We zijn mensen en rechtvaardigen waarom er diersoorten zijn die uitsterven. Wij leven in onze realiteit en werkelijkheid die wij beleven via een illusie die wij creëren in onze geest. We kunnen niet leven zonder te ademen. We schenken echter meer aandacht aan ons denken. We begrijpen niet waardoor onze gedachten ontstaan. Maar wie maakt dit iets uit? We denken dat onze gedachten ons unique en speciaal maken. We hopen bijvoorbeeld dat er iets beters is na de dood. Maar hiervan zijn we ons niet zeker. Maar dat maakt niets uit want door onze gedachten overtuigen we onszelf hiervan.

We zijn blijkbaar de meest geavanceerde levensvorm op aarde, maar alleen maar om elkaar te beheersen en om te profiteren van elkaar en de natuur. En dan zijn er gevoelens en emoties, de dingen die ons motiveren. Weten wij werkelijk waardoor zij gecreëerd worden? Geen idee!!! Maar zij zijn volgens onszelf werkelijk waar want in onszelf ervaren wij toch emoties en gevoelens. Wij bestaan als mind/geest virus voorzien van intelligentie.

We hebben een zelfstandig werkende geheime dienst gemanifesteerd in onze geest waar we plannen smeden gericht tegen onze medemens en ander leven. Wat we moeten is overwinnen, ongeacht wat de kosten zijn. Zullen we ooit leren en zelfoprecht zijn tegen onszelf? Onwaarschijnlijk. Laten we de werkelijkheid vergeten en vasthouden aan de illusie van het denken. In ieder geval aan de illusionaire gedachten in onze eigen geest die ons vertellen dat we altijd gelijk hebben, die gedachten die onze emoties en gevoelens manifesteren. De energie invloed ervan, waarin wij participeren, bepaald dat wij de keuze maken en dat wij deze unieke en speciale mens zijn.

Wat we ons niet realiseren is dat wij onder invloed van onze geest bepalen dat wij de baas zijn over onszelf. Ons mindbewustzijn is datgene wat ons daadwerkelijk bestuurt en bepaald hoe wij onszelf profileren. Zelfs als we niet weten waardoor onze overtuigingen, gedachten, gevoelens en emoties ontstaan, veronderstellen wij te weten, en zijn zelfs overtuigd van onze waarheid hoe wij voor andere levens vormen buiten ons, door onze geest bepalen wat het beste is. Bernhard Poolman.

Ik kan met mijn vinger wijzen en twijfelen zoveel als ik wil – maar als ik kijk en mijzelf en mijn twijfel onder ogen kom en zie wat er gebeurt – de ervaring van twijfel in mij als in mijzelf aanvaard en toegestaan, blijft hetzelfde zolang ik mijzelf niet onder ogen kom.

Mijn gevoelens van twijfel belemmeren mij om een test te maken. Een zelfde test heb ik eens gemaakt. Bij deze vorige poging heb ik onvoldoende gescoord. Nu sta ik voor de keuze om een vergelijkbare test weer te maken als toelating voor een opleiding.

Mijn gedachten/overtuiging/oordeel/twijfels: de vorige keer was mijn test score ontoereikend om te starten met een opleiding. Een vergelijkbare opleiding waarvoor ik nu weer gekozen heb. Naar aanleiding van de vorige negatieve testuitslag twijfel ik – ‘als ik maar geen onvoldoende scoor. 

Realisatie: door mijn herinnering aan de vorige testuitslag hoor ik mijzelf zeggen ‘als ik maar geen onvoldoende scoor voor de test’. Hierin schuilt perfectionisme, angst en zelfoordeel. Mijn angst om te falen en wel te slagen voor de test neemt toe door de veronderstelling in mijn geest. Want als ik de test niet haal ben ik niet perfect. Deze angst weerhoudt mij om mij in te schrijven voor de test. Echter, ik realiseer mij ‘als’ ik succesvol wil zijn, ‘dan’ moet ik richting bepalen. Allereerst zal ik mijn twijfel ‘als ik niet perfect ben dan ben ik mislukt’ in mijzelf effectief onderzoeken. Deze perfectie wordt gevoed door het halen van de gewenste testscore. Als ik het niet haal, zo bekritiseer ik mijzelf dan ben ik niet goed genoeg. Ik herinner mij dat mijn moeder tegen mij zei ‘jouw zus kan veel beter studeren’. Ik was dus in mijn veronderstelling minder dan haar als ik lagere punten haalde.

Vervolgens betekent dit dat ik mij minimaal moet aanmelden voor de test, testen maken op internet en mensen raadplegen die mij praktische tips kunnen geven waarmee ik mij optimaal kan voorbereiden om de test met een voldoende score af te sluiten (succes).

Ik realiseer mij zie en begrijp dat mijn gedachte aan de vorige testuitslag bepaald dat ik tegen mijzelf zeg ‘ik zal deze keer ook wel weer onvoldoende scoren’.

Realisatie: ik herinner mij daarnaast een ervaring waar G tegen mij zegt ‘M kan beter studeren dan jij’. Naar aanleiding van deze woorden dacht ik dat ik minder waard was dan M omdat M volgens G beter kon studeren. Ik realiseer mij dat ik veronderstelde dat M wel-geslaagd was en ik niet-geslaagd. Als ik niet slaag voor de test dan ervaar ik mijzelf als minderwaardig aan mijn interpretatie die ik heb toegekend aan wel geslaagd zijn.

Binnen mijn mindbewustzijn heb ik mijzelf toegestaan en aanvaard (oordeel) niet slagen voor de test = ik ben minderwaardig (negatief). Wel geslaagd voor de test = ik ben succesvol (positief).

Volgens mijzelf betekent niet succesvol zijn dat ik strange ben. Strange zijn = mislukkeling, loser, ik ben betekenisloos. Door te participeren in mijn veronderstelling ervaar ik in mijzelf faalangst. Deze heb ik zelf ontwikkelt in relatie tot de betekenis die ik toeken aan succesvol zijn. Want als ik de test alweer niet succesvol afsluit dan heb ik gefaald. Als ik wel slaag voor de test dan laat ik zien dat ik net als M geslaagd en succesvol ben.

Zelfoprecht zijn ontwikkelen/manifesteren begint met de twijfel in mijn geest onder ogen komen en hierop zelfvergeving te schrijven.

Ik ga met mijzelf het commitment aan dat ik mijzelf onder ogen kom door middel van Zelfvergeving uitschrijven naar aanleiding van de realisatie in bovenstaande tekst, informatie waarmee ik vervolgens Zelf-richting kan bepalen. Wordt vervolgd in volgende blog. 

Wilt u uzelf en eventuele twijfels óók en wel onder ogen komen? Kijk dan verder en klik op onderstaande links voor praktische informatie om uzelf effectief te ondersteunen en uw ware potentieel te realiseren.

https://eqafe.com/p/looking-for-a-better-future-quantum-systemization-part-123

http://lite.desteniiprocess.com/

http://desteni.org/

http://wiki.destonians.com/Main_Page

destabiliseer.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Dag 378 Rate myself on appearance

Waarom noem ik specifiek gedrag van mensen sociaal wenselijk en hoe beoordeel ik mijzelf ten opzichte van mijn veronderstelling dat anderen sociaal wenselijk gedrag vertonen?

Sociaal wenselijk: Gedrag van soortgenoten ten opzichte van elkaar; gedragingen van een persoon of groep met betrekking tot een bepaalde sociale omgeving omdat dit van die omgeving gewenst en verwacht wordt. Ik realiseer mij dat ik wezenlijk verlang naar openheid en oprechtheid van anderen ten opzichte van de schijn die zij mij tonen.

Ik realiseer mij als ik mijzelf in relatie tot mensen ervaar, waarvan ik denk dat zij sociaal wenselijk gedrag vertonen, dit gedrag van hen als in mijzelf aanvaard en toegestaan als onwenselijk ervaar, mij relaiseer zie en begrijp dat ik mijzelf in mijn relatie tot mijn wens zie en begrijp dat ik sociaal wenselijk gedrag verafschuw en niet aanmoedig en bij voorkeur oprechtheid en openheid ambieer.

Ik realiseer mij dat ik veronderstel dat ik wenselijk en onwenselijk gedrag zie als zwart – wit en tegenovergesteld van elkaar, in mijzelf kan aanvaarden en toestaan. Want wat ik als wenselijk ervaar, dat wat ik pretendeer, als onwenselijk ervaar, uitsluit en veroordeel. Ik realiseer mij, zie en begrijp dat wenselijk en onwenselijk, afzonderlijk van elkaar, als elkaars tegenbeeld, als zodanig, als aspecten van wenselijk en onwenselijk, zich als zodanig, in mijzelf manifesteer.

Ik ben van mening omdat ik weinig inkomen heb, in mijzelf ervaar als onwenselijk, aspecten zijn in mijzelf, informatie bevat waarmee ik mijzelf een schuldgevoel aanpraat. Ik realiseer mij dat ik daarom denk dat ik gefaald heb en oninteressant ben voor een vrouw, omdat ik mijzelf negatief beoordeel omdat mijn inkomen bepaald hoe mensen mij beoordelen.

Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard dat ik wens dat ik door mensen niet beoordeeld wil worden op sociaal wenselijk gedrag.

Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard dat ik mijzelf beoordeel overeenkomstig mijn beeld en gedachten, veronderstel dat ik door anderen wordt beoordeeld op uiterlijk en de kleding die ik draag.

Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard dat ik denk dat mijn uiterlijk en kleding die ik draag voor mensen van doorslaggevend belang is dat zij mij waarderen.

Als en wanneer ik denk dat ik door anderen wordt beoordeeld op sociaal wenselijk gedrag, dan stop ik en adem.

Ik realiseer mij wat ik in mijzelf als onwenselijk ervaar, mijn wens toont, dat ik sociaal wenselijk gedrag aanmoedig omdat ik niet open en oprecht durf te zijn dat ik afhankelijk ben van de hoogte van mijn uitkering die minimaliseert om te kunnen voldoen aan mijn wens dat ik mij wel wil hullen in uiterlijke tooi, I realize and see this is al about my fucking  social behave believe, which looks like the feathers I put in my ass.

Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard dat ik veronderstel dat ik wenselijk en onwenselijk gedrag zie als zwart – wit, als negatief oordeel dat ik mij existeert, veroordeel als negatief ervaar als tegenovergesteld van elkaar.

Als en wanneer ik niet kan aanvaarden dat ik in mijzelf kan aanvaarden en toestaan dat ik de aspecten van wenselijk en onwenselijk veroordeel, dan stop ik en Adem.

Ik realiseer mij dat wat ik als wenselijk ervaar, pretendeer, dat wat ik als onwenselijk ervaar, afkeur en uitsluit, veroordeel.

Ik realiseer mij, zie en begrijp dat wenselijk en onwenselijk, afzonderlijk van elkaar, als elkaars tegenbeeld, als zodanig, als aspecten van wenselijk en onwenselijk, als zodanig, in mijzelf manifesteer.

Ik realiseer mij dat ik van mening ben omdat ik weinig inkomen heb, in mijzelf ervaar als onwenselijk, aspecten zijn in mijzelf, informatie bevat waarmee ik mijzelf een schuldgevoel aanpraat.

Ik realiseer mij dat ik daarom denk dat ik gefaald heb en oninteressant ben voor een vrouw, mijzelf negatief beoordeel omdat ik denk dat de hoogte van mijn inkomen bepaald hoe mensen mij beoordelen.

Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard dat ik denk dat een hoger inkomen garandeert dat ik vaker nieuwe kleding kan aanschaffen, schoentjes, naar de kapper gaan kan bekostigen, strakke stijlvolle broeken kan kopen, een auto kan rijden en aanschaffen, uit eten gaan, op vakantie, dat ik op deze aspecten die ik niet kan bekostigen beoordeeld wordt als mens wie ik ben als uiterlijk vertoon los staat van de mens die ik in wezen ben.

Als en wanneer ik de mens die ik in wezen ben veroordeel omwille van de waarde die ik toeken aan uiterlijk vertoon, dan stop ik en Adem.

Ik realiseer mij dat ik mij aanpas aan het beeld van uiterlijk vertoon, verkies boven de mens die ik in wezen ben; begripvol, inlevend en vredelievend en de eigenheid van mensen die zichzelf zijn, waarvan ik denk dat zij dit doen, zonder schroom.

Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard dat ik in mijzelf mensen die volgens mijn beleving uitstraling hebben, veronderstel omdat zij nette kleren of mooie schoentjes dragen en zich opsmukken met andere uiterlijkheden, denk dat zij mij negatief beoordelen op mijn gemis aan voldoende inkomen omdat ik denk dat ik zonder deze aspecten minder ben dan mensen die zich bepaalde accessoires wel kunnen veroorloven, voor mij een diepere betekenis impliceert, betekent dat ik wil voldoen aan een uiterlijk beeld waarop ik, als ik hieraan voldoe, positief beoordeeld wordt.

Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard dat ik mijzelf beoordeel op een tekort aan inkomen waarmee ik mijn uiterlijke schijn kan bekostigen.

Als en wanneer ik wil faal in het voldoen aan een uiterlijk beeld dat ik mijzelf manifesteer, dan stop ik en Adem.

Ik realiseer mij dat ik denk als ik mijzelf positief bevoordeel door een positief beeld te manifesteren door uiterlijk vertoon dat ik voldoe aan een norm die ik in mijzelf aanvaard heb en toegestaan omdat ik in mijzelf heb aanvaard dat uiterlijk en kleiding als norm wordt gehanteerd door anderen.

Als en wanneer ik veronderstel dat anderen een norm hanteren in hun beoordeling, dan stop ik en Adem.

Ik realiseer mij dat ik deze uiterlijkheid norm in de vorm van kleding en andere middelen in mijzelf heb aanvaard en toegestaan als maatstaaf van die wie ik ben, niets zegt over wie ik wezenlijk ben, een mens die vredelievend is, de kracht van de wezenlijkheid zoals ieder mens als eenheid en gelijkheid beginsel is bedoeld, wil promoten en manifesteren in mijn gedrag in Hier, in relatie met anderen.

Ik stel mijzelf ten doel dat ik mijzelf als eenheid en gelijkheid beginsel wil profileren en als ik in mijn mind schiet en verval in uiterlijke waardigheid, mijzelf Stop en Adem.

 

 

Dag 345 Living word: Patience

Ik realiseer mij, zie en begrijp wil ik geduldig zijn en worden, dan zal ik gemotiveerd moeten zijn en oprecht onder ogen moet komen waarom ben ik ongeduldig en reageer ik geregeld nog impulsief op een gebeurtenis, situatie of individu. Welke aspecten waarin ik participeer verbind mijn innerlijk met deze externe elementen waarmee ik blijkbaar een energetische relatie heb waardoor mijn ongeduld wordt getriggerd. Dus wat ik van mijn omgeving krijg heb ik mijzelf ergens, in het verleden uit ervaring verkregen als herinnering gegeven, toegestaan en aanvaard. Ik realiseer mij zie en begrijp wat ik zelf geef ontvang ik terug.

De aanleiding van impulsief reageren en ongeduld onderzoek ik in deze blog.

Voor context previous blog.

Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard dat ik de negativiteit in mijzelf wilde opheffen en vervangen door middel van een positief gevoel.

Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard dat ik dit positieve gevoel kreeg door middel van alcohol.

Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard dat ik mijn tekort aan aandacht fysiek/letterlijk heb opgevuld door het overmatig gebruik van het verslavende middel alcohol

Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard dat ik mijzelf heb bedrogen door mijn geloof en toestemming om wel te drinken omdat ik hiermee mijn onderdrukte onzekerheid en verlegenheid om in een groep of in het openbaar te spreken, door deze verdoving gerechtvaardigd, kon opheffen.

Want met alcohol kon ik mijn negatief geladen verwachting ik ben bang om te spreken in het openbaar, mijn zelf gecreëerde angst, kon ik opheffen waardoor ik wel kon functioneren, zo dacht ik een tijdlang.

Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard dat ik dacht dat ik recht had op onvoorwaardelijk aandacht was ontstaan door een tekort aan betrouwbare/veilige begeleiding, inlevingsvermogen en begrip van mijn opvoeders.

Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard dat ik in mijzelf aanvaard en toegestaan heb dat ik wat ik tekort kwam van anderen verlangde en verwachte.

Als en wanneer ik ongevraagd iets verlang of verwacht van een ander en niet krijg omdat ik dit niet vraag, dan stop ik en adem

Ik realiseer mij zie en begrijp dat ik door aandacht voor mijn onzekerheid en angst verondersteld heb, want ik dacht als/dan, als ik deze ongevraagde onvoorwaardelijke begeleiding, ondersteuning en begrip wel gekregen zou hebben dan zou ik zelfverzekerd zijn, moedig, betrouwbaar en minder afhankelijk van aandacht van mensen uit mijn omgeving.

Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard dat ik ongevraagd onaangepast gedrag heb geëtaleerd en vertoont omdat ik van hen/anderen verwachte dat zij mij onvoorwaardelijk zouden ondersteunen om mijn onzekerheid en angst te overwinnen, elementen en aspecten binnen mijn mind die als backchats onderdrukt mijn gevoelens, gedachten en emoties vertegenwoordigend, bij hen onbekend waren omdat ik mijn verlangens, verwachtingen en behoeften onuitgesproken in mijzelf heb onderdrukt om de goede vrede te bewaren.

Als en wanneer ik van anderen verlang of verwacht hetgeen voor hen onbekend is, dan stop ik en adem ik.

Ik realiseer mij dat ik niets vraag omdat ik onbekend ben met de reactie van de ander, omdat ik verlang naar positiviteit in de vorm van begrip en dialoog, mij realiseer, zie en begrijp dat ik negativiteit veronderstel omdat ik kritiek, lacherigheid, onverschilligheid, koelte, terneergeslagenheid en afwijzing kan verwachten in relatie tot een vraag die ik heb of verzoek om hulp.

Ik realiseer mij dat ik door mijn focus op negativiteit, de mensen uit mijn omgeving observeer vanuit mijn negatief geladen beeld onveiligheid verwacht en daarom alert ben voor aanwijzingen die duiden op bewijs dat mijn negatief geladen veronderstelling waarin ik afwijzing verwacht waarheid wordt/zal zijn zolang ik de aspecten van deze negativiteit in mijzelf onderdruk.

Omdat ik deze negativiteit in mijzelf duld, aanvaard en heb toegestaan door mijn negatief geladen gezichtspunt/interpretatie als in mijzelf aanvaard en toegestaan te gebruiken als mijn maatstaaf waarmee ik mijn werkelijkheid observeer en interpreteer. Uit deze weerstand ontstaat negatief geladen energie waarin ik participeer als ongeduld. Dit negatief geladen ongeduld heb ik onderdrukt en verdoofd met alcohol om deze negatieve invloed door mijzelf bepaald niet te voelen.

Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard zodra ik niet de onvoorwaardelijke aandacht kreeg van mijn ouders, gezaghebbers en partners omdat zij hun aandacht richten op voor hen belangrijke anderen

Als en wanneer ik niet de onvoorwaardelijke volledige aandacht krijg van mensen uit mijn omgeving, dan stop ik en adem ik.

Ik realiseer mij zodra mensen uit mijn omgeving waarvan ik onvoorwaardelijke aandacht verlang aandacht schenken aan voor hen belangrijke anderen dat ik de grip verlies op hun aandacht waarmee zij/ ik niet langer mijn tekort aan zelfvertrouwen en zelf richting geven kan voeden. Ik realiseer mij zie en begrijp dat ik door mijn veronderstelling het verlies aan aandacht van voor mij belangrijke externe anderen interpreteer als zij vinden mij minder waard, zij vinden mij minder belangrijk, zij schenken aandacht aan anderen zonder dat zij overleg hebben gehad met mij, zij voelen zich niet onvoorwaardelijk betrokken bij mijn welzijn want dan zouden zij juist alleen maar voor mij aandacht hebben.

Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard zodra mijn verlangen en behoefte aan volledige onvoorwaardelijke aandacht verminderd omdat de voor mij belangrijke anderen aandacht hebben voor de voor hen belangrijke anderen, dat ik dan geïrriteerd, verwend, jaloers en boos reageer en besluit dat ik hen onbewust bewust gemaakt wegduw om te onderzoeken of zij weer oog krijgen voor mij door aandacht te schenken aan mij.

Als en wanneer ik irritatie ervaar waardoor ik boos ben, jaloers met tot gevolg dat ik mensen uit mijn omgeving negeer, ontwijk of wegduw, dan stop ik en adem ik.

Ik realiseer mij dat ik al veel schepen achter mij verbrand heb omdat ik niet mijn zin en de aandacht kreeg, hetgeen ik als vanzelfsprekend verwachte, waar ik onvoorwaardelijk recht op had, aandacht van anderen waar ik naar verlangde om mijn aandacht tekort te voeden.

Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard dat ik geduld heb dat ik de aanleiding van mijn ongeduld heb onderdrukt.

Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard dat ik mijn onvermogen om te wachten niet kon uitstellen door mijn roep naar externe aandacht van mijn begeleiders die ik verantwoordelijk heb gemaakt voor mijn tekort aan zelfvertrouwen.

Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard dat ik mijn onvervulde verlangen naar drank/aandacht niet kon uitstellen omdat ik door een tekort aan gezonde aandacht mijn tekort aan zelfvertrouwen wilde verdoven met alcohol waardoor ik mondiger werd in groepen of in een op een gesprekken met mensen die ik wilde overtuigen dat ik de moeite waard was/ben en hun vertrouwen wilde winnen.

Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard dat ik geduld heb dat ik slachtoffer was/ben van de omstandigheden waar binnen ik onvoldoende aandacht kreeg/krijg, wat ik als negatief heb ervaren, decennia lang onderdrukt heb met alcohol

Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard dat ik alcohol heb misbruikt zodat ik de negativiteit in mijzelf kon ombuigen met alcohol nuttigen waardoor ik mij positief voelde en de lef, moed en durf had om mijn zegje te doen in een groep waar ik verlangde naar positieve aandacht

Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard dat ik mij realiseer, zie en begrijp dat ik zonder inhoudelijk iets toe te voegen aan een conversatie alleen maar woorden uitsprak door mijn behoefte/verlangen/verwachting naar positief gevoed worden met positieve aandacht van anderen.

Wordt vervolgd. Patience: Self-Corrective statements, One has to read my next blog.

Dag 330 Schuld in mij

Ik realiseer mij dat ik gedrag van mensen uit mijn omgeving bekritiseer en daar een oordeel op heb en dat mijn reactie belerend klinkt omdat ik aan gedrag van een ander mijn ervaring met alcoholmisbruik daaraan mijn herinnering, betekenis en interpretatie toeken.

Voor context zie vorige blogs.

Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard dat ik schuld toeken aan alcohol gebruik van een ander.

Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard naar aanleiding van alcohol gebruik gedrag denk en veronderstel ‘de manier waarop jij, omdat jij alcohol drinkt, reageert kan echt niet door de beugel.

Als en wanneer ik in mijzelf denk jouw alcohol gebruik gedrag kan echt niet door de beugel, dan stop ik en adem ik

Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard dat de betekenis die ik aan gedrag van een ander toeken als Blame in al haar Blame facetten in mijzelf aanwezig is

Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard dat schuld als zodanig in mijzelf aanvaard en toegestaan bestaat

Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard dat schuld existeert in mijzelf als betekenis is ontstaan naar aanleiding van gedrag dat ik interpreteer als gedrag dat echt niet door de beugel kan

Als en wanneer ik reageer als schuld veronderstelling in mijzelf, dan stop ik en adem ik.

http://activistsjourneytolife.blogspot.com/2015/12/day-944-turn-it-into-something-new.html

Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard dat ik aan gedrag van de alcoholist de betekenis toeken dat kan echt niet door de beugel hoor en vervolgens in mijzelf irritatie ervaar.

Als en wanneer ik in mijzelf irritatie ervaar naar aanleiding van mijn aanname dat gedrag kan echt niet door de beugel hoor, dan stop ik en adem ik.

Ik realiseer mij dat ik irritatie ervaar omdat ik alcohol gebruik gedrag veroordeel, reacties onder invloed van alcohol gedrag in mijzelf manifesteer zie, begrijp en gewaar ben dat ik reageer op de betekenis die ik toeken aan alcohol gebruik gedrag.

Als en wanneer ik reageer op extern gedrag dat zich in mij manifesteert onder invloed en naar aanleiding van alcohol gebruik gedrag, dan stop ik en adem ik.

Ik realiseer mij dat mijn reactie op alcohol gebruik gedrag in mijzelf ontstaat naar aanleiding van de betekenis die ik toeken aan dit specifiek gedrag Ik vergeef mijzelf dat ik mijzelf heb toegestaan en aanvaard dat ik reacties die ik van mij zelf waarneem veroordeel.

Als en wanneer ik veroordeling toeken naar aanleiding van mijn interpretatie, observatie en waarneming van alcohol gebruik gedrag, dan stop ik en adem ik.

Ik stel mijzelf ten doel zodra ik betekenis toeken aan andermans gedrag, mij realiseer zie en begrijp dat ik dit in mijzelf onderdrukt heb zich manifesteert onder invloed van alcohol gebruik gedrag van een ander in mijzelf de gedachte opplopt jouw gedrag kan echt niet door de beugel hoor, dan stop ik en adem ik.

Ik realiseer mij dat ik naar aanleiding van gedrag van anderen in mijzelf reacties overeenkomstig mijn interpretatie van dat gedrag gewaar wordt realiseer dat mijn mindbewustzijn mij bestuurt in dit moment waarop ik de keuze kan maken als en wanneer ik deze reactie in mijzelf gewaar ben effectief kan stoppen.

Als en wanneer ik een andermans, dus mijnmans gedrag veroordeel en beschuldigend met mijn vingertje wijs, dan stop ik en adem ik.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan dat ik reacties in mijzelf zal stoppen zodra ik mij dit gewaar ben en als en wanneer ik in reacties, weerstand of frictie schiet, dan stop ik en adem ik.

Maar wat verlang ik van mijzelf als ik andermans gedrag bekritiseer en veroordeel?

Wordt vervolgd.