Dag 562 cynisme

‘Je bent vast een gelukkig mens.’ Woorden gebezigd tijdens een chat gesprek. Eenzijdige Communicatie van getypte woorden waaraan mimiek en intonatie ontbreken. Omdat mijn zintuiglijke impressie intonatie ontbreekt is mijn eerste gedachte ‘de woorden van C zijn cynisch bedoeld.’ Kort daarvoor had ik C geschreven ‘geniet van de momenten in het hier’ waarop de reactie van mijn gesprekspartner volgt ‘Doe jij dat ook.’

Naar aanleiding van de vraag ‘Doe jij dat ook, geniet jij ook van de momenten in hier, plopt de gedachten op aan het verjaardagsfeestje van mijn neefje van afgelopen zaterdag. Momenten waarin ik genoten heb van het samenzijn in bijzijn van het gezin. In het verleden tijdens samenzijn met het gezin was de sfeer wel eens anders. Grimmiger en negatief beladen. Hier vergelijk ik samenzijn als twee tegengestelden. Polariteit van elkaar. In de vorm als zijnde mijn positief en negatief geladen samenzijn ervaring. In mezelf toegestaan en aanvaard als mijn interpretatie. Mijn duiding van verschillende samenzijn herinneringen. Waarmee ik samenzijn momenten vergelijk.

Nadat ik tijdens de chat conversatie mijn gesprekspartner gevraagd heb of de opmerking cynisch bedoeld was antwoord C: ‘nee totaal niet’. Ik realiseer me dat we van elkaar kunnen leren. Hetgeen C instemmend bevestigd.

Ik realiseer me zie en begrijp in het verleden zou ik dit antwoord ‘nee totaal niet’ wantrouwen en met stelligheid vast houden aan mijn interpretatie dat de getypte woorden van C met cynisme vervuld waren.

De Betekenis die ik aan cynisme toegekend heb, dat ik naar aanleiding van reacties van anderen ‘zie’ er volgt afkeuring op hetgeen ik bijdraag. Mijn ‘isme’ krijgt kritiek te verduren. Wat ik doe. Als ‘ME’ (Engels) is never good enough. Mijn ‘isme’ I will be never better, or I will never preciated by others. Mijn aanwezigheid wordt niet op prijs gesteld. Ik wijs mezelf af. Ik kleineer mezelf. Afwijzing van mijn Zelfoprecht zelf zijn. Door mijn veronderstelde duiding, ben ik gefocust en alert op de manier waarop anderen reageren naar aanleiding van mijn bijdrage. Omdat ik wantrouwend ben omdat ik afwijzing verwacht en verlang naar waardering, erkenning en knuffels.

Geboeid aan mijn gedachten.

Cynisme volgens het woordenboek: gebrek aan vertrouwen in goede bedoelingen van mensen of instellingen.

Oprecht Zelfvergeving.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf toegestaan en aanvaard heb dat ik intenties wantrouw.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf toegestaan en aanvaard heb dat ik bij de gedachte aan cynisme gebrek heb aan vertrouwen in goede bedoelingen van mensen.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf toegestaan en aanvaard heb dat ik op de woorden ‘Doe jij dat ook’ cynisme veronderstel.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf toegestaan en aanvaard heb nadat ik innerlijk cynisme veronderstel aan C app ‘is jouw opmerking cynisch bedoeld.’

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf toegestaan en aanvaard heb dat ik mijn veronderstelling ‘is jouw opmerking cynisch bedoeld’ niet Stop maar bij C check.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf toegestaan en aanvaard heb dat ik me afhankelijk maak van het antwoord van C omdat ik mijn eerste gedachte aan cynisme check bij C.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf toegestaan en aanvaard heb dat ik verhaal haal bij C, en dus (aan de ander) verantwoording vraag voor hetgeen ik veronderstel en vraag: ‘is jouw opmerking cynisch bedoeld.’

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf toegestaan en aanvaard heb gedachten te denken die ik in mezelf gewaar werd naar aanleiding van de woorden van C ‘Doe jij dat ook’ waarop ik ja antwoord waarop volgt ‘dan ben jij vast een gelukkig mens.’

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf toegestaan en aanvaard heb dat ik innerlijk cynisme veronderstel, dit naar aanleiding van de opmerking van C ‘dan ben jij vast een gelukkig mens.’

Als en wanneer ik verhaal haal, verantwoording verlang van de ander naar aanleiding dat cynisme in mezelf opplopt, dan Stop ik mijn automatische reactie en Adem.

Ik realiseer me zie en begrijp wanneer ik verhaal haal bij de ander die innerlijk mijn cynisme triggert, dat bij van de ander verantwoording verlang. Dit naar aanleiding van cynisme, dat in mezelf opplopt, reeds in mij aanwezig, voordat C reageerd op mijn getypte woorden.

Ik realiseer me zie en begrijp dat ik verantwoordelijk ben voor mijn ergens op mijn pad aanvaarde cynisme, deze herinnering in mezelf aan cynisme zelf kan ‘Stoppen’ omdat ik verantwoordelijk ben voor mijn automatische reactie, en er voor kan kiezen, als nieuwe doelstelling om naar aanleiding van mijn gedachten ‘is jouw opmerking cynisch bedoeld’ in plaats verantwoording vragen aan de6ander, dat ik mijn automatische reactie doorAdem.

Ik realiseer me zie en begrijp nadat ik cynisme veronderstel in de app woorden van C, dat ik vervolgens verhaal haal bij C en als het ware aan C verantwoording opdring voor hetgeen ik innerlijk als de energie van cynisme manifesteer als zijnde mijn duiding.

Diepere duiding naar aanleiding van cynisme Gewaarwording.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf toegestaan en aanvaard heb, dit omdat ik me realiseer, zie en begrijp dat ik naar aanleiding van cynisme, innerlijk verontwaardiging ervaar.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf toegestaan en aanvaard heb dat ik naar aanleiding van verontwaardiging vervolgens minachting ervaar.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf toegestaan en aanvaard heb dat ik naar aanleiding van mijn duiding cynisme, in plaats cynisme, geen dankbaarheid ervaar voor mijn Gewaarzijn aan cynisme wat ik in mezelf onderdrukt heb.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf toegestaan en aanvaard heb dat ik naar aanleiding van cynisme, me onvoldoende geraliseerd heb dat ik cynisme als de energie van cynisme in mijn lichaam aanvaard heb.

Dag 480 Claimgedrag

Claimgedrag kan ontzettend benauwend en verstikkend zijn.

Ik vergeef mijzelf dat ik mezelf toegestaan en aanvaard heb dat mijn claimgedrag voor M verstikkend en benauwend kan werken.

Ik vergeef mijzelf dat ik mezelf toegestaan en aanvaard heb dat ik niet onder ogen zie dat ieder mens in zijn hart wel ergens een warm plekje heeft voor iemand anders, en dat ik op moment dat M aangeeft dat zij een afspraak heeft met een vriend van vroeger van school, innerlijk allerlei doemscenario’s bedenk, zonder oog te hebben voor de openheid die M communiceert.

Ik vergeef mijzelf dat ik mezelf toegestaan en aanvaard heb dat ons contact naar aanleiding van dit bericht van M mijn stemming deed omslaan en veranderde van vriendelijk naar star en claimend gedrag.

Ik vergeef mijzelf dat ik mezelf toegestaan en aanvaard heb dat de manier waarop M naar me kijkt voor een plotselinge verandering kon zorgen, in ieder geval werd ik me bewust dat ik verlangde dat M niet zou afspreken met die man maar mij zou bezoeken die avond.

Ik vergeef mijzelf dat ik mezelf toegestaan en aanvaard heb dat ik respect heb voor het feit dat M aangeeft dat er op dit moment geen klik is richting mij.

Ik vergeef mijzelf dat ik mezelf toegestaan en aanvaard heb dat ik moeilijk vind om haar los te laten.

Ik vergeef mijzelf dat ik mezelf toegestaan en aanvaard heb dat ik me in relatie tot het bericht van M, innerlijk claimgedrag gewaar werd.

Ik vergeef mijzelf dat ik mezelf toegestaan en aanvaard heb dat ik door mijn gedrag bij M de indruk kan wekken dat zij zich geclaimd voelt, en me realiseer dat zij door mijn gedrag ‘innerlijk behoorlijk benauwd van kan krijgen en of zich opgejaagd gaat voelen’.

Ik vergeef mijzelf dat ik mezelf toegestaan en aanvaard heb dat ik het “nee” van M om mij die bewuste avond te bezoeken, niet kon accepteren.

Ik vergeef mijzelf dat ik mezelf toegestaan en aanvaard heb dat ik me op dat moment niet realiseerde dat vriendschap of een relatie nu eenmaal respect en ontzag verdienen.

Ik vergeef mijzelf dat ik mezelf toegestaan en aanvaard heb niet te zien op dat moment dat respect en ontzag inhoudt dat ik geen claimgedrag moest vertonen.

Ik vergeef mijzelf dat ik mezelf toegestaan en aanvaard heb dat ik om M geef en als ik om M geef, en van haar houd en haar wil claimen niet zie dat ik niet het beste voor haar wil als zij een keuze maakt die afwijkt van mijn verlangen omdat ik haar wil zien in plaats van dat zij haar vriend die avond ontmoet.

Als en wanneer ik naar de aanwezigheid van M verlang en haar wil claimen als zij ‘nee’ zegt tegen hetgeen ik verlang, dan stop ik en adem

Ik realiseer me zie en begrijp dat he niet uit maakt of het ‘wat zij onderneemt met een andere man’ met of zonder mij is, het gaat erom dat ik de wens van M kan accepteren.

Ik stel mezelf ten doel ‘als ik claimgedrag vertoon’ dat ik me realiseer zie en begrijp dat ik niet meer toe sta, dat M zichzelf kan zijn, omdat ik met mijn claimgedrag alleen maar wil dat ik M mijn verlangen om haar te zien wil opleggen, en dat ik me in dat moment niet realiseer ‘mijn claimgedrag kan nooit goed gaan’.

Als en wanneer mijn claimgedrag averechts uitwerkt op M, dan stop ik en adem.

Ik realiseer me zie en begrijp dat ik mezelf toegestaan en aanvaard heb dat ik evenwicht wil realiseren in mijn gevoelens en emoties, en me zal realiseren als gevoelens niet wederzijds zijn dat ik geen claimgedrag moet vertonen.

Als en wanneer ik innerlijk claimgedrag manifesteer, dan stop ik en adem.

Ik realiseer me, zie en begrijp dat ik van mijn gedrag ‘om te willen claimen heb geleerd’, dat ik vanaf dat moment even verdwaald was in mijn innerlijke verlangens om M te zien en nadat we met elkaar in gesprek zijn gegaan, open sta voor hetgeen M innerlijk beweegt en dat ik bereid ben om van alles wat ik meemaak ‘het positieve te leren’, zoals M dit zo mooi en duidelijk beschrijft en waarmee zij mij liet inzien dat ik in het verleden ook presentaties heb verzorgd voor een groep mensen die goed gingen omdat ik vaak focus op hetgeen er fout gaat of negatief is aan een ervaring. 😊

Ik realiseer me dat M aan mij haar besluit communiceert om een einde te maken aan de relatievorm die ik voor ogen had.

Ik realiseer me dat M niet voor niets dit besluit maakt omdat ze heeft aangeven dat zij zich innerlijk benauwd ervaart, omdat zij innerlijk voelt dat zij zichzelf niet meer kan zijn en verdwaald is en omdat zij voor zichzelf een commitment heeft afgesloten ten aanzien van de relatievorm die zij voor ogen heeft.

Ik realiseer me als ik haar claim, dat ik dan aan het kortste eind trek en het contact met haar zal verliezen.

Ik stel mezelf ten doel dat ik me in mezelf afvraag waarom ik claimgedrag vertoon, omdat ik me besef dat ik hiermee het vertrouwen bij M weghaal. M geeft duidelijk aan in ons eerste gesprek bij haar thuis en ook gisteren dat zij het benauwd krijgt van mensen die haar haar willen claimen.

Ik vergeef mijzelf dat ik mezelf toegestaan en aanvaard heb dat ik door mijn claimgedrag aan M laat merken dat ik haar gevoelens bagatelliseer.

Als en wanneer ik de gevoelens van M bagatelliseer, dan stop ik en adem.

Ik realiseer me zie en begrijp dat de innerlijke voorkeur van M even belangrijk als die van mij moeten zijn, en als zij aangeeft dat zij de relatie wil verbreken, dat ik haar innerlijk en fysiek die vrijheid geef.

Ik stel mezelf ten doel dat ik mijn claimgedrag achterwege laat want ik doe er meer kwaad dan goed mee.