Dag 486 Zeven maanden afwezig.

De laatste blog die ik schreef is alweer zeven maanden geleden. In de tussentijd is er veel gebeurd. Ik heb een terugval gehad en dronk dagelijks drie liter bier. Zes halve liters. Gekoelde blikken. Die ik kocht bij de supermarkt of avondwinkel hier in de buurt.

Vorige week belande ik per toeval op een terras waar ik een bekende aantrof. Ik besloot om samen met hem een biertje te nuttigen.

De bekende vertelde op mijn vraag ‘hoe raak jij hier verzeild’ dat in het café, die middag een oktoberfeest zou plaatsvinden. ‘Daarom zit ik hier, om te zien welke mensen naar het feest komen, zo vervolgde hij met een glimlach’.

Er kwam een gedachten boven op het bier drijven, ‘voordat het feest begint moet ik hier wegwezen. Anders gaat het fout. Want ik ken mezelf. Als het gezellig wordt, dan drink ik teveel’.

Enkele momenten later verscheen er vanuit het café een serveerster in tirolerjurk. Zij liep richting het terras. Omdat er een windje waaide, zwiepte haar jurk de lucht in. Tot mijn verbazing herkende ik de vrouw. Haar had ik jaren niet gezien.

Op weg terug vanaf het terras naar het café zag zij mij zitten, nadat ik haar naam had geroepen. We raakte in gesprek en ik merkte op en benoemde dat ik haar aantrekkelijk vond. Ze lachte en keek me verleidelijk recht in mijn ogen aan.

Plotseling stak er weer een briesje op. Hierdoor werd haar jurk weer opgetild. Waardoor ik haar rode slip zag. Wouw dacht ik. ‘Geneer je maar niet riep ik uit. Want ik heb niets gezien. Haar wagen kleurden licht rood’.

Ik realiseer me dat ik onbevangen reageer op de vrouw omdat ik tegen haar zeg dat ik haar aantrekkelijk vind. Of zal het de alcohol zijn, die me uit mijn comfortzone trekt?

Wordt vervolgd.

Advertenties

Dag 485 Onverschilligheid versus nauwkeurigheid.

‘Ervaringen waarop gehoopt wordt’, een regel in een tekst die mijn aandacht trok. Ik realiseer me hierdoor dat ik in relatie tot gedrag van mensen verwacht dat zij me niet tegenspreken zodra ik mijn bijdrage communiceer.

Vaak ervaar ik innerlijk irritatie als iemand me tegenspreekt omdat ik tegenspraak innerlijk ervaar als afwijzing van hetgeen ik bijdraag aan een gesprek, een teamoverleg of tijdens een spontaan praatje met een passant ergens op straat.

Het gevolg van mijn innerlijke reactie is dat ik vervolgens vaak de kont tegen de krib gooi. Vervolgens trek ik me terug uit contact ‘isolation’ en ontwijk mensen, veronachtzaam en verwaarloos afspraken. Dit omdat ik innerlijk de energie van onverschilligheid ervaar. Vervolgens handel ik onnauwkeurig in het naleven van afspraken omdat ik participeer in de energie van desinteresse.

Resultaat: ‘ik wil niet langer contact onderhouden met lopende afspraken, waaraan ik me in eerste instantie mondeling verbonden heb’.

Waardoor ik me realiseer, zie en begrijp dat ik onbetrouwbaar handel in tegenstelling tot hetgeen ik toezeg.

Onverschilligheid:

1) Achteloosheid 2) Afgestomptheid 3) Apathie 4) Desinteresse 5) Gemis aan belangstelling 6) Gemis aan genegenheid 7) Gevoelloosheid 8) Gevoelsarmoede 9) Harteloosheid 10) Indolentie 11) Kalme berusting 12) Koelheid 13) Koudheid 14) Laksheid 15) Nonchalance 16) Onbewogenheid 17) Ongevoeligheid 18) Onhartelijkheid.
Bron: http://www.mijnwoordenboek.nl/puzzelwoordenboek/ONVERSCHILLIGHEID/1

Ik vergeef mijzelf dat ik mezelf toegestaan en aanvaard heb dat ik onbetrouwbaar handel in tegenstelling tot hetgeen ik mondeling toezeg.

Ik vergeef mijzelf dat ik mezelf toegestaan en aanvaard heb dat ik onverschillig reageer omdat ik innerlijk participeer in de energie van desinteresse. Als en wanneer ik de kont tegen de krib gooi, dan stop ik en adem.

Ik realiseer me zie en begrijp dat zodra ik van mening ben dat mensen me tegenspreken, innerlijk irritatie ervaar, waarop ik sociale bezigheden en afspraken ontwijk omdat ik veronderstel dat hetgeen ik bijdraag, er niet toe doet.

Ik vergeef mijzelf dat ik mezelf toegestaan en aanvaard heb dat ik innerlijk hoop dat mensen me niet tegenspreken maar luisteren naar hetgeen ik innerlijk wil bijdragen aan een gesprek.

Ik vergeef mezelf dat ik mezelf toegestaan en aanvaard heb dat ik van mensen eis dat zij geïnteresseerd zijn in hetgeen ik innerlijk voor ogen heb. Als en wanneer ik van mensen verlang dat zij zich aanpassen aan mijn innerlijk verlangen en veronderstel ‘gehoorzaam mij’, dan stop ik en adem. Ik realiseer me zie en begrijp dat ik van mensen verlang dat zij me niet tegenspreken omdat ik tegenspraak interpreteer als afwijzing van hetgeen ik bijdraag, waardoor ik me innerlijk niet gezien en gehoord ervaar.

Sounds like: ‘ikke ikke ikke, en de rest kan stikke’, lol.

Ik vergeef mijzelf dat ik mezelf toegestaan en aanvaard heb dat ik me afhankelijk maak van reacties van anderen. Als en wanneer ik innerlijk irritatie ervaar omdat men niet reageert op mijn manier in relatie tot ‘hetgeen ik voor ogen heb’, dan stop ik en adem.

Ik realiseer me zie en begrijp

  • Ik wil/verwacht dat mensen naar me luisteren,
  • Ik wil ‘hetgeen ik innerlijk wil bijdragen’, gezien en gehoord wordt,
  • Ik wil dat mijn bijdrage niet wordt afgewezen.
  • Ik realiseer me aan hetgeen ik innerlijk veronderstel, hieraan mijn eisen verbind
  • Ik zie en.begrijp dat zodra men mijn innerlijk verlangen tegenspreekt, vervolgens van mening ben ‘mensen nemen mijn bijdrage niet serieus’.