Ervaringsdeskundigheid

Waardoor raakte je uit evenwicht en hoe herstel je dit? Zelfcontrole en het hervinden van balans zijn thema’s om recidive te voorkomen.

Het doel van recidive voorkomen is persoonlijke kwaliteit van leven te verbeteren door inzicht te verkrijgen waarom het in de eerste plaats is misgegaan. Vervolgens staat in dit proces van Gewaarzijn ontwikkeling het voorkomen van een (nieuw) delict centraal (lees: ‘geen nieuwe slachtoffers’.)

In deze fase levenslijnen bewust maken wordt het delictscenario beschreven. Het individu verkrijgt inzicht in specifieke informatie hetgeen zijn of haar delictketen en delictpreventieplan kenmerken. Wat men moet weten voordat men wil veranderen, is weten en herkennen.

Kunnen is kennen wat als de geest bestaat.’ Een persoonlijk commitment, acceptatie van hetgeen de persoon zichzelt toestaat. ‘De persoon begint met het dagelijkse onderzoek ‘herkennen wat gebeurtenissen uitlokten en uitlokken als de reactie van zijn geest.’

Want zodra iemand vrijwillig in behandeling is, dit in relatie tot het gedwongen kader, zal door intrinsieke motivatie de wil om te veranderen versterkt worden. Waardoor het zelfherstellend vermogen, de zelfcontrole en Zelfregulatie van de klant meer kans maakt om te verbeteren.

Centraal in de gedwongen behandeling staat het voorkomen van recidive. Hierbij wordt dus voortdurend een link gelegd naar de delictanalyse en de delictketen. Hierdoor ontstaat Zelfgewaarzijn en inzicht in de aanleiding van specifieke keuzes. Vaak is het delict of de agressie te herleiden naar psychosociale problematiek.

Vanuit het cliëntenperspectief biedt men als begeleider een gezonde ‘Herstel-context’ aan.

Een omgeving vanuit de waarden: ‘dialoog, zelfverantwoordelijkheid, begrip en vooroordeelvrije bejegening/handelen/zijn’. Hetgeen voorwaarden zijn om persoonlijke recidive te leren verminderen. Dit met oog, aandacht en ondersteuning voor het proces van de patiënt/klant/deelnemer.

Herstellen gaat over het hervinden van eigen kracht, oftewel empowerment. Empowerment verwijst naar hoe mensen door een actieve inzet hun eigen kracht ontdekken en ontwikkelen en leren in- zetten. Door een actieve inzet.

Empowerment verwijst naar hoe mensen door een actieve inzet hun eigen kracht ontdekken en ontwikkelen en leren in- zetten. Door een actieve inzet.

Een delictanalyse is de feitelijke beschrijving van de gebeurtenissen die hebben geleid tot het gepleegde delict. Hierbij worden de gedachten, gevoelens en het gedrag van de patiënt systematisch nagevraagd en uiteengezet. https://kfz.nl/resultaten/call-2016-53

Delict keten https://www.minddistrict.com/nl-nl/catalogus/delictketen-en-delictpreventieplan

Opzet ‘Delictketen en delictpreventieplan.’

1. Hoe kom je tot een delict?
2. Levenslijn: hoe is je leven tot nu toe verlopen?
3. Delictscenario: beschrijf je delict
Mijn diagnose
4. Welke heftige gebeurtenissen heb je meegemaakt?
Problemen en omstandigheden ten tijde van je delict
5. Waardoor blijf je in evenwicht?
6. Waardoor raakte je uit evenwicht en hoe herstel je dit?
7. Wat is je gevoelige snaar en hoe ga je ermee om?
Goede en slechte manieren om nare gevoelens kwijt te raken
8. Welke denkfouten en Schijnbaar Onbelangrijke Beslissingen maak je en wat kan je meer helpen?
9. Wat zijn jouw verhoogderisicosituaties en wat kun je op zulke momenten doen?
10. Wat deed je voor en na je delict en hoe voorkom je een delict?


Een of geen delict
Gevolgen op de korte termijn
Gevolgen op de lange termijn
11. Hoe herstel je het evenwicht?

Omgaan met je gevoelige snaar
Goede manieren om nare gevoelens kwijt te raken
Bedenk een meer helpende gedachte
Maak een noodplan
12. Hoe voorkom je een delict?
Geen delict!
De kortetermijngevolgen van het niet-plegen van een delict
Delictpreventieplan: de langetermijngevolgen
Waarop is de module gebaseerd?

De module ‘Delictketen en delictpreventieplan’ is ontwikkeld door Daniëlle Revers van Minddistrict, in samenwerking met Dirk Dijkslag en Fabiola Schurmans van Transfore, Christian van Dam van Oldenkotte en Bianca Roelofsen van GGZ Noord-Holland-Noord. De inhoud van de module is tot stand gekomen door middel van een uitgebreid ontwikkelproces en is gebaseerd op zowel de relevante literatuur als de kennis en ervaring van behandelaren en cliënten.

https://www.trouw.nl/economie/participatiewet-drijft-mensen-in-bijstand-tot-wanhoop-de-maatschappij-zit-niet-op-ons-te-wachten~bb992297/

https://nl.jooble.org/m/desc/-5376980542546456903?ckey=stage+ervaringsdeskundige&rgn=-1&pos=2&elckey=7787715139683434992&p=1&sid=-3371019202527441249&age=308&relb=100&brelb=100&bscr=5170,92&scr=5170,92&iid=-8597619911992241869

https://faktor5.nl/existentiele-eenzaamheid/

Dag 457 Gestimuleerd worden.

Vanmorgen las ik een artikel met als titel ‘wijzig je woorden en verander je leven’.  Gevolgd door de subtitel ‘weet jij hoe taal een enorme impact heeft op jouw vooruitzichten en uiteindelijk op je succes’. Aangetrokken door deze oneliners las ik vervolgens de tekst.

De auteur vervolgt ‘met woorden beïnvloed je andere mensen, maar we vergeten soms dat de woorden die we kiezen ook effect hebben op onze eigen emotionele staat en daarmee op ons functioneren’. Mensen vragen me wel eens ‘welke woorden moet ik gebruiken of juist vermijden?’ Het maakt eigenlijk niet uit, zolang je erdoor gemotiveerd raakt. Je kunt aardige woorden gebruiken tegen jezelf, speelse taal of schuttingtaal. Het gaat vooral om het effect dat die woorden hebben. De woorden dienen congruent te zijn met het effect (lees: gemoedstoestand) dat je wilt bereiken’.

Ik realiseerde me dat ‘als we volgens deze tekst woorden kiezen die ons motiveren dat er ook woorden zijn die we kiezen die ons niet-motiveren’.

De auteur vervolgt ‘bedenk, dat wat je moet leren is datgene te vermijden waardoor je ongemotiveerd raakt, woorden die je frustreren of waardoor je opgeeft. Want de woorden die je koppelt aan je ervaring, worden de ervaring zelf. Word je hier bewust van.’ Want als je constant praat over dat je je ergens aan kan ergeren, dan wordt je ook geërgerd. In plaats van dat je er van uitgaat dat je niet geïnspireerd raakt en hier op een andere manier mee wilt omgaan. Als je eens echt boos wilt worden, maar je gebruikt woorden als ‘ik ben te lief’ of ‘ik kan niet onaardig zijn’, dan lukt dat niet zo goed om kwaad te zijn’.

Ik realiseer me vervolgens dat een van de patronen die ik in mezelf ontwikkelt heb is dat ik altijd aardig wilde zijn en niet boos wilde worden. Door vriendelijkheid en aangepast gedrag wilde ik realiseren dat ik door anderen gestimuleerd en door hen positief bekrachtigd werd naar aanleiding van mijn gedrag.  Omdat ik de energie van boosheid en agressie wilde vermijden, had ik mezelf ten doel gesteld om de goede vrede te bewaren/herstellen. Een gedachte die ik mezelf heb aanvaard en toegestaan was ‘Ik mag niet boos worden, omdat ik aversie/weerstand/frictie ontwikkelt had tegen boosheid’.

Deze mind gedachten zijn ontstaan naar aanleiding van mijn ervaring met situaties ‘als ik een vraag of de behoefte had aan ondersteuning van mensen uit mijn omgeving, dan verwachte ik vooraf dat mijn vraag genegeerd of bekritiseerd zou worden’. Ik realiseer me dat ik verlangde naar positief gedrag (koestering, aanmoediging, troost) van de mensen uit mijn omgeving. Vandaar mijn vriendelijke aangepaste ‘allemansvriendje’ gedrag.

Waar ik behoefte aan had, en ik heb hier echt goed over moeten denken, was dat mijn wensen en behoefte gehoord werden, dat ik positief gestimuleerd werd. Dat mijn wens in vervulling zou gaan dat er geen ruzie zou zijn in huis en dat óók de leerkrachten en vriendjes op school mij vriendelijk bejegende.

De auteur vervolgt ‘want woorden geven grip en controle op het functioneren van ons brein zodat je de emotionele staat oproept die je nodig hebt in een bepaalde situatie. De meeste mensen kiezen er uiteraard voor om zich goed te voelen. Je goed voelen is nu eenmaal fijner dan je slecht voelen’.

Ik realiseer me dat ik dacht ‘ik wilde me goed voelen waar ik mezelf innerlijk slecht, onzeker en angstig ervaarde’. Het belang die de auteur van deze tekst beschrijft is dat we ons bewust moeten worden van de taal en woorden die we kiezen. Omdat woorden onze gedachten, de relatie met onze geest bepalen, wat effect kan hebben óf heeft op ons handelen.

Ik realiseer me dus als ik me innerlijk slecht, angstig en onzeker ervaar, dan zal ik hier eerst naar moeten kijken en vervolgens in mijn schrijven hierop zelfvergeving toepassen.

Ik realiseer me dat ik primair participeerde in de negatieve energie van ‘ik ervaar me innerlijk slecht, angstig en onzeker’. Bij tegenslag ‘in situaties als ik iets positiefs wil realiseren’ innerlijk de neiging ervaar om deze negatieve energie weer op te zoeken door gedrag dat slecht is voor mezelf, hetgeen effect heeft op mijn handelen en op de relatie met mijn omgeving.

De auteur sluit af met de woorden ‘woorden zijn de sleutel tot verschuiving van je gedachten, je fysieke verandering en verbetering van je resultaten. Denk in het vervolg na wat je tegen jezelf zegt’. Een belangrijk doel voor mezelf betreft ‘voor-denken’, in plaats van nadenken’.

Ik stel mezelf ten doel dat ik bewustzijn van de woorden die ik vooraf aan bepaald gedrag denk gewaar wil worden. Hier zelfvergeving op uitschrijven om Gewaarzijn van de invloed van mijn mind/geest te ontwikkelen. Waarmee ik mijn primaire focus ‘dat ik me innerlijk slecht, onzeker en angstig ervaar, mij realiseer, zie en begrijp, dat ik ervoor kies dat ik participeer in deze energie, eerst ontdoe van negatief geladen energie. Hetgeen ontstaat uit negatief geladen woorden die mijn gedachten creëren’ en vervolgens mijn gedrag.

Wordt vervolgd met een situatie waarin ik iemand ondersteun die tegenstrijdig handelt aan datgene wat de persoon zichzelf ten doel stelt. Waarover wij gezamenlijke afspraken maken, die de persoon vervolgens niet uitvoert.

Ik realiseer me dat het gedrag van deze persoon een negatieve invloed heeft op mij. Nadat de persoon bij vijf afspraken onbereikbaar was, zowel telefonisch als fysiek, ervaar ik in mezelf onzekerheid omdat ik mezelf de vraag voorleg ‘wil ik de persoon verder ondersteunen?’ Dit roept weerstand in me op omdat ik wil begrijpen en weten waarom de persoon niet wil of kan meewerken. Omdat ik de persoon niet persoonlijk kan bereiken maak ik me zorgen over zijn proces omdat de persoon kans maakt op een gedwongen maatregel, die opgelegd kan worden door de overheid. Want de afspraken die we hebben gemaakt zijn erop gericht om dit te voorkomen.

Wat ik me realiseer is dat ik niet boos kan worden op de persoon. Het leidt wel tot innerlijke onzekerheid, spanning en frustratie. Omdat ik pieker en mezelf onbewust de schuld geef ‘dat het niet lukt wat ik met de persoon overeen ben gekomen’. Ik twijfel niet aan mezelf omdat ik alle afspraken ben nagekomen. Door me niet langer op dit probleem te willen richten, leidt dit tot alcohol gebruik. Ik ontken hiermee het probleem en vermijd dat ik zelf mijn afspraken uitvoer. Ik wordt door alcohol gebruik dus onverschillig (ik zorg slecht voor mezelf). Dit heeft ook fysieke gevolgen zoals last van diarree en depressie.

Ik realiseer me ‘wil ik de persoon ondersteunen, zal ik eerst mijn eigen frustratie onder ogen moeten komen’. Want waarom denk ik dat de persoon mij en mijn goed bedoelde inzet negeert? Want de persoon is toch zelf verantwoordelijk voor de keuzes die de persoon maakt op moment dat hij me negeert.

Ondanks dat de organisatie waarvoor ik werk zelfverantwoordelijkheid en zelfregie promoot, ervaar ik innerlijk weerstand tegen het credo ‘zelfverantwoordelijk zijn’. Want vormt dit voor mij aanleiding om de ondersteuning stop te zetten? Omdat ik me realiseer en denk dat hij mijn goed bedoelde inzet ontwijkt? Of omdat ik veronderstel dat de persoon mij en mijn inzet niet serieus neemt waardoor ik me innerlijk niet gezien en gehoord ervaar? Waar ligt de grens voor mij ‘wel of niet doorgaan met de ondersteuning?

Wordt vervolgd.