Dag 270 focus op vermeend onheil

Afbeeldingsresultaat voor Destonians De manier waarop ik de wereld zie

De manier waarop ik de wereld zie, waarop ik mezelf zie, waarop ik tegen de wereld aankijk, hoe ik tegen mezelf aankijk, hoe ik de wereld interpreteer, hoe ik/je jezelf interpreteert, hoe ik/je de wereld waarneemt, hoe ik/je jezelf waarneemt – dit alles ligt opgesloten in de punten van mijn/je fysieke OGEN en wordt ervaren als ‘wie je bent’ binnen het systeem. Ik begrijp en zie dat mijn zicht, mijn plaatje blijft in een plaatjeswereld en ik ben blind voor hetgeen ik zie met mijn fysieke OGEN.

In werkelijkheid is ‘wie je bent’ een systeem in het systeem als bewustzijn, dat kijkt, ziet, interpreteert en jezelf en de wereld waarneemt door je fysieke menselijke OGEN gevormd door het bewustzijn van systemen en dat is niet wie je echt bent voorbij het bestaan van bewustzijnsystemen.

Tijdens een bezoek aan de fietsenstalling realiseer ik me bij aankomst al dat ik twijfels en angst ervaar en overweeg om mijn fiets op een andere plek te parkeren. Toch besluit ik voor deze stalling, want deze ligt dicht in buurt van mijn bestemming.

Tweede realisatie; bij de ingang gearriveerd begroet ik de twee bewakers vriendelijk met ‘goedemorgen’. Hierop werd ik door een van beiden gecorrigeerd met de opmerking ‘Goedemiddag’. Het was een paar minuten na twaalf. Duh.

Derde realisatie; vervolgens werd het bonnetje rond een remkabel van mijn fiets bevestigd waarop de volgende (in mijn mind systeem beleving) instructie volgde. ‘Fiets bovenin plaatsen’.

Vierde realisatie; licht geïrriteerd loop ik met mijn fiets de stalling in waarop de ene bewaker tegen de andere zegt ‘dat doet hij nooit’ refererend aan het feit dat ik volgens hem ‘mijn fiets niet bovenin het rek wil/zal plaatsen’. Omdat ik mijn fiets altijd bovenin het rek plaats ervaar ik zijn opmerking als bot, onterecht, cynisch en klantonvriendelijk.

De opmerking ‘doet hij nooit’ vormt voor mij aanleiding voor een tegenvraag in de richting de bewaker: lees ‘waarop baseer je, ikzelf dus want ik ga mee in zijn woorden, eigenlijk het feit dat ik mijn fiets nooit bovenin plaats’?

Zijn feedback – ‘Ja, er zijn genoeg mensen die dat nooit doen’. Mijn vraag/reactie ‘je zegt tegen je collega ‘dat doet hij nooit’. Zijn feedback – ‘Ja, inderdaad dat heb ik gezegd’.

Toch schoot ikzelf in reactie en was inmiddels boos en geïrriteerd geraakt. Maar waarom? Ik weet dat ik mijn fiets bovenin plaats en toch reageer ik op die gast. Opmerkelijk hé!?

Nadat ik de fietsenstalling uitliep richting mijn bestemming realiseerde ik me dat ik bij aankomst bij de stalling al twijfels had wel/niet op deze plek mijn fiets parkeren.

Ik realiseer me dat mijn vermoeden/twijfel bevestigd werd omdat mijn vriendelijke goedemorgen door de onvriendelijke bewaker/gezag-drager genegeerd werd met zijn kille, emotieloze instructie, correctie ‘goedemiddag’.

Mijn bedoeling was vriendelijk zijn. Hij reageerde vervolgens onvriendelijk. Ik verwacht van de bewaker een klant-vriendelijke reactie naar aanleiding van mijn ‘vriendelijk’ goedemorgen.

Ik realiseer me dat ik klantvriendelijkheid verwacht. Ik ben klantvriendelijk opgevoed, mijn ouders waren zelfstandig ondernemers aan huis. Bij thuiskomst was ik me bewust van het feit dat ik beoordeeld door klanten op instructie van mijn ouders beoordeeld/geobserveerd werd op vriendelijkheid.

Bij het betreden van de fietsenstalling werd mijn reeds aanwezige twijfel wel/niet parkeren bevestigd door de opmerking van de bewaker (van orde, betrouwbaarheid en veiligheid) ‘goedemiddag’.

Ik realiseer me dat mijn vooraf twijfel gevoed/versterkt wordt door een eerdere ervaring met de bewaker die de opmerking maakt ‘dat doet hij nooit’.

Ik realiseer me mijn gedachten dat ik beter op mijn woorden moet letten, kan voorkomen/vermijden dat de bewaker mij verkeerd interpreteert, waardoor hij vervolgens niet negatief reageert. Ik realiseer me dat ik mezelf verantwoordelijk en afhankelijk maak van de reactie van een ander. Zijn reactie resoneert met mijn beeld van klantvriendelijkheid de manier waarop ik geïnstrueerd werd/ben en dit als zodanig heb toegestaan en geaccepteerd binnen mijn mind-systeem.

Ik realiseer me dat ik wezenlijk uitzie naar vriendelijkheid waar ikzelf reageer op mijn verwachting dat ik van anderen vriendelijkheid verwacht en mijn onvriendelijkheid zichtbaar maken. Door mijn reactie creëer ik binnen mezelf ongelijkheid, omdat ik iets van anderen verwacht wat ikzelf negeer omdat ik in mijn reacties op de opmerking van de andere bewaker reageer ‘dat doet hij toch niet’ vriendelijkheid vermijd/ontwijk omdat ik volgens hem boos reageer.

De instructie ‘fiets boven in plaatsen’ ervaar ik als correctie. Dit beeld wordt geïllustreerd, bevestigd en verstevigd met de opmerking ‘dat doet hij nooit’.

Ik realiseer me dat ik denk ‘hij is nalatig’ ‘hij leeft zijn verantwoordelijkheid niet’ want ‘hij volgt onze instructies niet op’.

Nu kan ik beamen dat ik geen hoge pet op heb van een van de bewakers. Bij een vorig bezoek aan de stalling sprak hij in het Limburgs dialect een Duits sprekende jongen aan. Hieraan heb ik me enorm geërgerd. Met name omdat hij een racistische opmerking maakte naar de jongen. Ik heb de jongen geholpen om zijn fiets bovenin het rek te plaatsen. Dit terwijl de volwassen bewakers dit tafereel gadesloegen met de opmerking gericht aan de jongen ‘dat moet jezelf leren mannetje’. De bewaker die verantwoordelijk was voor de racistische opmerking was degene die beweerde dat ik nooit mijn fiets bovenin plaats.

Ik heb het ventje ongevraagd mijn hulp aangeboden. Vervolgens verwacht ik van de bewakers dat zij klantvriendelijk zijn en de jongen te hulp schieten. Zij laten dit na waarop ik te hulp schiet en me erger aan hun nalatigheid.

Ik erger me omdat hun beeld van behulpzaamheid afwijkt (hij moet dat zelf leren) van mijn klantvriendelijkheid (help en ondersteun het ventje). De bewakers bepalen zelf het beleid binnen hun toko.

Ik had het ventje ook kunnen helpen zonder in reactie te schieten in reactie op de racistische opmerking van de bewaker die mij beschuldigd dat ik mijn fiets nooit bovenin het rek plaats.

Ik realiseer me dat ik lichte irritatie en twijfel ervaar vooraf aan mijn bezoek zodra ik de bewuste bewaker zie.

In mijn volgende blog schrijf ik zelfvergeving uit op mijn boosheid.

Zie voor context/info over zelfcorrigerende uitspraken in reactie op realisaties.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s